Huidige tekst
Artikel 3 Verdrag en Statuut nopens het Internationale Spoorwegregime
De Staat op wiens grondgebied de verbindingslijnen of de grensstations gelegen zijn, zal, zonder dat inbreuk wordt gemaakt op zijn souvereiniteits- of gezagsrechten die onaangetast blijven, hulp en bijstand verleenen aan de Staats- of spoorwegambtenaren van den anderen Staat in de uitoefening van hun functie, teneinde het internationale verkeer te bevorderen.
Bron: wetten.overheid.nl