Overeenkomst voor samenwerking tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Zwitserse Bondsstaat, anderzijds, ter bestrijding van fraude en andere illegale activiteiten die hun financiële belangen schaden

Huidige tekst

Artikel 3 Overeenkomst voor samenwerking tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Zwitserse Bondsstaat, anderzijds, ter bestrijding van fraude en andere illegale activiteiten die hun financiële belangen schaden

Geldt sinds 26 oktober 2004

Minder belangrijke gevallen 1 De autoriteit van de aangezochte overeenkomstsluitende partij kan een verzoek om samenwerking afwijzen wanneer het vermoedelijke te lage of ontdoken bedrag aan rechten lager ligt dan 25 000 EUR, of de vermoedelijke waarde van de op onregelmatige wijze in- of uitgevoerde goederen minder bedraagt dan 100 000 EUR, tenzij de feiten wegens hun aard of de persoon van de dader door de verzoekende overeenkomstsluitende partij als zeer ernstig worden beschouwd. 2 De autoriteit van de aangezochte overeenkomstsluitende partij stelt de autoriteit van de verzoekende overeenkomstsluitende partij onverwijld in kennis van de redenen waarom het verzoek om samenwerking wordt afgewezen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.