Kadasterwet

Kadw

Huidige tekst

Artikel 25 Kadw

Geldt sinds 1 september 2017

  1. 1

    Ter inschrijving van een rechterlijke uitspraak die voor een akte van levering in de plaats treedt of die krachtens een andere wet dan de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken kan worden ingeschreven, wordt een expeditie van de rechterlijke uitspraak aangeboden, alsmede: a.indien de rechterlijke uitspraak slechts inschrijfbaar is, nadat zij in kracht van gewijsde is gegaan: een verklaring van de griffier van het gerecht dat de uitspraak heeft gedaan, inhoudende dat daartegen geen gewoon rechtsmiddel meer openstaat; b.indien de onder a bedoelde eis voor inschrijfbaarheid niet is gesteld en de rechterlijke uitspraak niet uitvoerbaar bij voorraad is: een verklaring van de griffier van het gerecht dat de uitspraak heeft gedaan, inhoudende: 1°. hetzij dat daartegen geen gewoon rechtsmiddel meer openstaat, hetzij dat hem drie maanden na de uitspraak niet van het instellen van een gewoon rechtsmiddel is gebleken; 2°. zo het rechtsmiddel bij verzoekschrift moet worden ingesteld, dat ook de griffier van het gerecht waar dit verzoekschrift moet worden ingediend, niet van het instellen van een rechtsmiddel is gebleken; c.indien voor de inschrijving betekening aan de veroordeelde vereist is, een door de deurwaarder getekend afschrift van het exploot waarbij de betekening is geschied.

  2. 2

    Ter inschrijving van een beslissing van de rechter van een vreemde Staat wordt een authentiek afschrift van deze beslissing aangeboden.

  3. 3

    Bestaat de rechterlijke uitspraak in een verlof tot tenuitvoerlegging van een beslissing van arbiters, dan wordt ook een afschrift van deze beslissing aangeboden, getekend door de griffier van het gerecht waarvan de president het verlof gaf.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:280Parket bij de Hoge Raad, 13 maart 2026 (personen- en familierecht)

    Personen- en familierecht. Echtscheiding. Verdeling huwelijksgoederengemeenschap. Aanvullende conclusie na ECLI:NL:PHR:2025:428. Ontvankelijkheid cassatieberoep i.v.m. uitblijven aantekening in…

  • ECLI:NL:HR:2023:1800Hoge Raad, 22 december 2023 (burgerlijk procesrecht)

    Procesrecht. Art. 3:45 BW. Vernietiging onverplichte rechtshandeling. Behelst door rechtbank gegeven verklaring voor recht verklaring van waardeloosheid? Art. 3:29 BW. Inschrijving hoger beroep in…

  • ECLI:NL:HR:2023:1599Hoge Raad, 17 november 2023 (burgerlijk procesrecht)

    Procesrecht. Cassatieberoep, onvankelijkheid, incident. Verklaring van waardeloosheid hypotheekrecht, verzuim inschrijving uitspraak in rechtsmiddelenregister (art. 3:29 BW, art. 433 Rv, art. 25…

  • ECLI:NL:PHR:2023:874Parket bij de Hoge Raad, 6 oktober 2023 (goederenrecht)

    Proces- en goederenrecht. Toewijzing van verklaring voor recht dat hypotheekrechten als gevolg van art. 3:45 BW nietig zijn. Hoger beroep niet-ontvankelijk omdat niet is voldaan aan de verplichting…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:3345Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 28 mei 2026 (personen- en familierecht)

    IPR; kinder- en partneralimentatie, verdeling ontbonden huwelijksgemeenschap; Nederlandse rechter heeft alleen rechtsmacht voor in Nederland gelegen onroerende zaken; beroep op forum necessitatis…

  • ECLI:NL:GHARL:2025:5984Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 30 september 2025 (personen- en familierecht)

    Art. 3:301 lid 2 BW; gedeeltelijke niet-ontvankelijkheid omdat hoger beroep niet is ingeschreven in het rechtsmiddelenregister; art 10:30 BW; aan op ambassade gesloten huwelijk kunnen in dit geval in…

  • ECLI:NL:RBNHO:2025:2383Rechtbank Noord-Holland, 26 februari 2025 (goederenrecht)

    Burengeschil tussen meerdere eigenaren van recreatiebungalows rondom een (deels) gemeenschappelijke haven. Diverse vorderingen over en weer afkomstig uit twee gevoegde zaken. Vaststelling erfgrens…

  • ECLI:NL:GHSHE:2025:260Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 4 februari 2025 (verbintenissenrecht)

    ontvankelijkheid hoger beroep art. 3:301 lid 2 BW; bewijs koopovereenkomst; schriftelijkheidseis 7:2 BW

61 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.