Europees Verdrag betreffende de overdracht van strafvervolging

Huidige tekst

Artikel 35 Europees Verdrag betreffende de overdracht van strafvervolging

Geldt sinds 29 september 1990

  1. 1

    Hij die bij een onherroepelijk en voor tenuitvoerlegging vatbaar strafvonnis is veroordeeld, kan niet voor hetzelfde feit worden vervolgd, veroordeeld of onderworpen aan de tenuitvoerlegging van een sanctie in een andere Verdragsluitende Staat: (a) indien hij is vrijgesproken; (b) indien de opgelegde sanctie: (i) geheel is ondergaan of nog steeds ten uitvoer wordt gelegd, of (ii) geheel of wat het nog niet ten uitvoer gelegde gedeelte betreft bij wege van gratie of amnestie is kwijtgescholden of (iii) niet meer ten uitvoer kan worden gelegd omdat zij is verjaard; (c) indien de rechter de dader van het strafbare feit schuldig heeft verklaard zonder oplegging van een sanctie.

  2. 2

    Een Verdragsluitende Staat is echter, tenzij hij zelf om vervolging heeft verzocht, niet verplicht de gevolgen van het ne bis in idem te erkennen, indien het feit dat aanleiding heeft gegeven tot het vonnis begaan is tegen een tot de openbare dienst van die Staat behorende persoon, instelling of zaak, of indien de persoon tegen wie het vonnis is gewezen zelf tot de openbare dienst van die Staat behoorde.

  3. 3

    Bovendien is de Verdragsluitende Staat waar het feit is begaan, dan wel volgens de wet van die Staat wordt geacht te zijn begaan, niet verplicht de gevolgen van het ne bis in idem te erkennen, tenzij hij zelf om de vervolging heeft gevraagd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2022:222Parket bij de Hoge Raad, 8 maart 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Syriëganger. Internationaal ne bis in idem. Strafmotivering. Heeft hof terecht en voldoende begrijpelijk geoordeeld dat verdachte in Nederland opnieuw kon worden vervolgd voor een feit…

  • ECLI:NL:PHR:2022:223Parket bij de Hoge Raad, 8 maart 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Syriëganger. Internationaal ne bis in idem. Strafmotivering. Heeft hof terecht en voldoende begrijpelijk geoordeeld dat verdachte in Nederland opnieuw kon worden vervolgd voor een feit…

  • ECLI:NL:PHR:2006:AV1110Parket bij de Hoge Raad, 19 mei 2006 (civiel recht)

    Kort geding, sprongcassatie. Geschil tussen een gedetineerde en de Staat over de rechtmatigheid van de weigering te verzoeken om rechtshulp en aan de Franse autoriteiten aan te kondigen haar hier te…

  • ECLI:NL:GHDHA:2021:102Gerechtshof Den Haag, 26 januari 2021 (strafrecht)

    Art. 68 Sr; art. 96 lid 2 Sr; art. 140a Sr; EVOS. Veroordeling wegens deelname in Syrië aan een organisatie met terroristisch oogmerk (IS) en voorbereidingshandelingen daartoe. Beroep op ne bis in…

  • ECLI:NL:GHDHA:2021:103Gerechtshof Den Haag, 26 januari 2021 (strafrecht)

    Art. 68 Sr; art. 96 lid 2 Sr; art. 140a Sr; art. 6 WIM; GA 3 Verdragen van Geneve; EVOS. Veroordeling wegens deelname in Syrië aan een organisatie met terroristisch oogmerk (IS) en…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.