Europees Verdrag betreffende de overdracht van strafvervolging

Huidige tekst

Artikel 12 Europees Verdrag betreffende de overdracht van strafvervolging

Geldt sinds 29 september 1990

  1. 1

    De aangezochte Staat is verplicht zijn aanvaarding van het verzoek in te trekken, indien na die aanvaarding een in artikel 10 van dit Verdrag genoemde grond blijkt te bestaan om geen gevolg te geven aan het verzoek.

  2. 2

    De aangezochte Staat is gerechtigd zijn aanvaarding van het verzoek in te trekken: (a) indien blijkt dat de aanwezigheid van de verdachte ter terechtzitting in die Staat niet kan worden verzekerd of indien een eventuele veroordeling in die Staat niet ten uitvoer kan worden gelegd; (b) indien een der in artikel 11 genoemde weigeringsgronden zich voordoet alvorens de zaak ter terechtzitting aanhangig is gemaakt; of (c) in andere gevallen, indien de verzoekende Staat daarmede instemt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.