Europees Verdrag betreffende de overdracht van strafvervolging

Huidige tekst

Artikel 31 Europees Verdrag betreffende de overdracht van strafvervolging

Geldt sinds 29 september 1990

  1. 1

    In het in artikel 30, tweede lid, bedoelde geval trachten de belanghebbende Staten, na beoordeling in elk geval van de in artikel 8 genoemde omstandigheden, zoveel mogelijk vast te stellen aan wie van hen de taak toevalt om een enkele strafvervolging voort te zetten. Tijdens dit overleg stellen de belanghebbende Staten een uitspraak ten principale uit, zonder evenwel verplicht te zijn dit uitstel te verlengen tot een termijn langer dan 30 dagen na de verzending van de in artikel 30, tweede lid, bedoelde kennisgeving.

  2. 2

    Het bepaalde in het eerste lid is niet bindend: (a) voor de Staat die de in artikel 30, tweede lid, bedoelde kennisgeving heeft verzonden, indien de terechtzitting ten principale in tegenwoordigheid van de verdachte is geopend vóór de verzending van de kennisgeving; (b) voor de Staat van bestemming der kennisgeving indien de terechtzitting in tegenwoordigheid van de verdachte is geopend vóór de ontvangst van die kennisgeving.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2022:222Parket bij de Hoge Raad, 8 maart 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Syriëganger. Internationaal ne bis in idem. Strafmotivering. Heeft hof terecht en voldoende begrijpelijk geoordeeld dat verdachte in Nederland opnieuw kon worden vervolgd voor een feit…

  • ECLI:NL:PHR:2022:223Parket bij de Hoge Raad, 8 maart 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Syriëganger. Internationaal ne bis in idem. Strafmotivering. Heeft hof terecht en voldoende begrijpelijk geoordeeld dat verdachte in Nederland opnieuw kon worden vervolgd voor een feit…

  • ECLI:NL:GHDHA:2021:102Gerechtshof Den Haag, 26 januari 2021 (strafrecht)

    Art. 68 Sr; art. 96 lid 2 Sr; art. 140a Sr; EVOS. Veroordeling wegens deelname in Syrië aan een organisatie met terroristisch oogmerk (IS) en voorbereidingshandelingen daartoe. Beroep op ne bis in…

  • ECLI:NL:GHDHA:2021:103Gerechtshof Den Haag, 26 januari 2021 (strafrecht)

    Art. 68 Sr; art. 96 lid 2 Sr; art. 140a Sr; art. 6 WIM; GA 3 Verdragen van Geneve; EVOS. Veroordeling wegens deelname in Syrië aan een organisatie met terroristisch oogmerk (IS) en…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.