Besluit Wfsv

Huidige tekst

Artikel 2.13 Besluit Wfsv

Geldt sinds 1 januari 2022

Opslag of korting ZW-lasten 1 De opslag of korting ZW-lasten is gelijk aan het individuele werkgeversrisicopercentage, bedoeld in het tweede lid, verminderd met het gemiddelde werkgeversrisicopercentage, bedoeld in het derde lid, gerelateerd aan deze lasten. 2 Het individuele werkgeversrisicopercentage wordt verkregen door de uitkeringen van de aan de werkgever toe te rekenen ZW-lasten die in het tweede kalenderjaar vóór het kalenderjaar waarvoor de premie wordt vastgesteld zijn betaald te vermenigvuldigen met honderd en de uitkomst van deze berekening te delen door het ten laste van die werkgever komende gemiddelde premieplichtige loon per jaar, berekend over het tijdvak van vijf kalenderjaren, eindigend één jaar voor aanvang van het kalenderjaar waarvoor de premie wordt vastgesteld. 3 Het gemiddelde werkgeversrisicopercentage wordt verkregen door het totaalbedrag aan uitkeringen van de aan middelgrote en grote werkgevers toe te rekenen ZW-lasten, die in het tweede kalenderjaar vóór het kalenderjaar waarvoor de premie wordt vastgesteld zijn betaald, te vermenigvuldigen met honderd en de uitkomst van deze berekening te delen door het totale gemiddelde premieplichtige loon van die werkgevers, berekend over het tijdvak van vijf kalenderjaren, eindigend in het tweede kalenderjaar voor het kalenderjaar waarvoor de premie wordt vastgesteld. 4 Voor de berekening, bedoeld in het derde lid, wordt per middelgrote werkgever de toe te rekenen lasten en het totale premieplichtige loon vermenigvuldigd met de uitkomst van: (loonsom wgr – loonsom laag) / (loonsom hoog – loonsom laag) waarbij: – loonsom wgr staat voor: het totaal van het premieplichtige loon van de middelgrote werkgever in het tweede kalenderjaar voorafgaande aan het jaar waar de premie betrekking op heeft; – loonsom laag staat voor: 25 maal het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer; – loonsom hoog staat voor: 100 maal het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer. 5 De uitkeringen, bedoeld in dit artikel, betreffen de uitkeringen op grond van de Ziektewet die zijn toegekend: a.aan de werknemers die op de eerste dag van de ongeschiktheid tot het verrichten van hun arbeid als bedoeld in artikel 19 van de Ziektewet tot de werkgever in dienstbetrekking stonden dan wel arbeidsongeschikt zijn geworden nadat de dienstbetrekking met de werkgever is beëindigd en artikel 46 van de Ziektewet van toepassing is; b.aan de werknemer, bedoeld in onderdeel a, van wie het recht op een uitkering op grond van artikelen 19a, 19b of 19c van de Ziektewet is geëindigd dan wel niet is ingegaan, die aanspraak heeft op heropening dan wel recht heeft op ziekengeld. 6 De op grond van dit artikel berekende opslagen of kortingen worden vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de teller wordt gevormd door driekwart van het gemiddelde percentage, bedoeld in artikel 2.8, eerste lid, en de noemer door het gemiddelde werkgeversrisicopercentage, bedoeld in het derde lid. Indien de berekening op grond van de vorige zin leidt tot een uitkomst groter dan twee wordt deze breuk vastgesteld op twee.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2022:1126Parket bij de Hoge Raad, 29 november 2022 (belastingrecht)

    A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van de prejudiciële vragen gesteld door het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba over de fiscale gevolgen van de wijziging van de Arubaanse…

  • ECLI:NL:PHR:2021:1183Parket bij de Hoge Raad, 15 december 2021 (belastingrecht)

    Gedifferentieerde werkgeverspremie werkhervattingskas 2018; uitzendcontract met uitzendbeding; voor welke periode geldt de no-riskbepaling (art. 29b ZW) die werkgevers beschermt bij ziekte-uitval van…

  • ECLI:NL:HR:2019:627Hoge Raad, 19 april 2019 (belastingrecht)

    Art. 38 Wfsv, art. 2.13 Besluit Wfsv (tekst 2014), gedifferentieerde premie Werkhervattingskas; art. 1 Eerste Protocol EVRM.

  • ECLI:NL:PHR:2018:834Parket bij de Hoge Raad, 27 juli 2018 (belastingrecht)

    Gedifferentieerde premie Werkhervattingskas (WHK); Schending art. 1 Protocol I EVRM (eigendomsrecht)? Terugwerkende kracht? Evenredig? Toetsing aan algemene rechtsbeginselen? Geïndividualiseerde…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:3555Rechtbank Den Haag, 9 februari 2026 (belastingrecht)

    Ten gevolge van een fusie zijn de werknemers Wet sociale werkvoorzieningen (Wsw’ers) in dienst getreden bij eiser. Voorafgaand aan de reorganisatie had eiser geen Wsw’ers in dienst. Bij het…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:3577Rechtbank Den Haag, 9 februari 2026 (belastingrecht)

    Eiseres is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet sociale Werkvoorzieningen (Wsw) in haar regio. Ten gevolge van een reorganisatie zijn de werknemers op grond van de Wsw (Wsw’ers) in dienst…

  • ECLI:NL:CRVB:2025:706Centrale Raad van Beroep, 7 mei 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Ten onrechte geen procesbelang bij de beoordeling van de aanspraken op ZW-uitkering van de werkneemster aangenomen door de Rechtbank. De door het Uwv aan de werkneemster betaalde bedragen aan…

  • ECLI:NL:GHARL:2022:5412Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 28 juni 2022 (belastingrecht)

    Wfsv. Overgang onderneming. Toerekening arbeidsongeschiktheidslasten.

22 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.