Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945

WUBO

Huidige tekst

Artikel 40 WUBO

Geldt sinds 1 januari 2011

  1. 1

    De uitkering, de toeslag, de vergoeding en tegemoetkoming gaan in: a.op de eerste dag van de maand waarin de aanvraag daartoe is ingediend, tenzij het bepaalde onder b van toepassing is; b.voor de weduwe, weduwnaar of minderjarige volle wees, die aansluitend aan het overlijden van het burger-oorlogsslachtoffer, dat een uitkering ingevolge deze wet genoot, aanspraak op een uitkering maakt, op de eerste dag van de derde maand volgend op die, waarin het overlijden heeft plaatsgevonden.

  2. 2

    De Raad of de Sociale verzekeringsbank kan bij beschikking van het bepaalde in het eerste lid in het voordeel van de betrokkene afwijken, indien hij, rekening houdende met alle omstandigheden, een dergelijke afwijking in een individueel geval noodzakelijk acht. Onze Minister stelt te dien aanzien nadere regelen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CRVB:2021:2236Centrale Raad van Beroep, 9 september 2021 (socialezekerheidsrecht)

    Verzoek om herziening. Verzoekster heeft geen nieuw feit of nieuwe omstandigheid, zoals in hiervoor bedoeld, naar voren gebracht. Verzoekster wenst een hernieuwde discussie te voeren over de…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.