Wet tijdelijk huisverbod

Wth

Huidige tekst

Artikel 6 Wth

Geldt sinds 1 januari 2013

  1. 1

    Indien tegen het huisverbod een verzoek om voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, wordt gedaan: a.wordt, in afwijking van artikel 8:83, eerste lid, van die wet, de uithuisgeplaatste binnen drie dagen door de voorzieningenrechter gehoord; b.doet de voorzieningenrechter in afwijking van artikel 8:84, eerste lid, van die wet onmiddellijk na het horen van partijen uitspraak tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden, in welk geval de voorzieningenrechter binnen 24 uur na de behandeling van de zaak uitspraak doet.

  2. 2

    De rechter betrekt bij de beoordeling van het huisverbod tevens de feiten en omstandigheden die zich hebben voorgedaan na het opleggen van het huisverbod.

  3. 3

    In afwijking van de artikelen 8:41, eerste lid, en 8:82, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt door de griffier geen griffierecht geheven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:1247Parket bij de Hoge Raad, 3 december 2024 (strafrecht)

    Conclusie AG. Overtreding Wet tijdelijk huisverbod. Verdachte verbleef in de helft van een twee-onder-een-kap-woning terwijl huisverbod betrekking had op de andere helft. Betekenis van term “in de…

  • ECLI:NL:PHR:2017:1305Parket bij de Hoge Raad, 17 oktober 2017 (strafrecht)

    Bestuursrechtelijke sanctie van huisverbod in combinatie met strafrechtelijke vervolging t.z.v. mishandeling, beroep op niet-ontvankelijkheid OM. Huisverbod a.b.i. art. 2 Wet tijdelijk huisverbod…

  • ECLI:NL:PHR:2012:BX5789Parket bij de Hoge Raad, 5 oktober 2012 (civiel recht)

    Bopz. Voorwaardelijke machtiging omgezet in voorlopige machtiging, art. 14d lid 1 Wet Bopz; toetsing ex nunc, vervulling voorwaarden; later verleend voorwaardelijk ontslag; grenzen rechtsstrijd.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:8977Rechtbank Rotterdam, 15 juli 2026 (personen- en familierecht)

    WTH, besluit vernietigd, niet zorgvuldig voorbereid en niet goed gemotiveerd, rechtsgevolgen van te vernietigen besluit in stand laten.

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:6616Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 18 juni 2026 (personen- en familierecht)

    Wth - kortsluiten vovo afwijzen beroep ogg

  • ECLI:NL:RBROT:2026:6462Rechtbank Rotterdam, 26 mei 2026 (personen- en familierecht)

    Beroep tegen verlenging ongegrond. Er is geen partnergesprek geweest en er zijn geen veiligheidsafspraken gemaakt. Het is daarin niet doorslaggevend dat achterblijfster geen partnergesprek wilde.…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:6589Rechtbank Rotterdam, 12 mei 2026 (personen- en familierecht)

    Wet tijdelijk huisverbod. De beroepen tegen het opleggingsbesluit en tegen het verlengingsbesluit zijn ongegrond verklaard. Het verzoek om een voorlopige voorziening is afgewezen, omdat de…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:5050Rechtbank Rotterdam, 22 april 2026 (civiel recht)

    Beroep tegen oplegging en verlenging ongegrond. Gewelddadig gedrag ook geconstateerd door buren en politie. Aanwijzingen van niet-fatale verwurging tijdens het incident en andere zorgelijke signalen.…

111 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.