Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017

Huidige tekst

Artikel 12 Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017

Geldt sinds 1 mei 2018

  1. 1

    Onze betrokken Ministers brengen jaarlijks voor 1 mei gelijktijdig aan beide kamers der Staten-Generaal een openbaar verslag uit van de wijze waarop de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst en de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst hun taken in het afgelopen kalenderjaar hebben verricht.

  2. 2

    In het verslag wordt in ieder geval volledig overzicht gegeven van: a.de aandachtsgebieden waarop de dienst zijn activiteiten in het afgelopen jaar heeft gericht; b.de aandachtsgebieden waarop de dienst zijn activiteiten in het lopende jaar in ieder geval zal richten.

  3. 3

    In het openbare jaarverslag blijft vermelding achterwege van in ieder geval de gegevens die zicht geven op: a.door de dienst aangewende middelen in concrete aangelegenheden; b.door de dienst aangewende geheime bronnen; c.het actuele kennisniveau van de dienst.

  4. 4

    Onze betrokken Minister kan de gegevens, bedoeld in het derde lid, vertrouwelijk meedelen aan een of beide kamers der Staten-Generaal.

  5. 5

    Onverminderd de verplichting, bedoeld in het eerste lid, informeren Onze betrokken Ministers uit eigen beweging beide kamers der Staten-Generaal, indien daartoe aanleiding bestaat. Het derde en het vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.