Wet op de architectentitel

Huidige tekst

Artikel 12c Wet op de architectentitel

Geldt sinds 1 januari 2015

  1. 1

    Een persoon die in het bezit is van een opleidingstitel op het gebied van architectuur als bedoeld in artikel 21 van de richtlijn, of van een opleidingstitel als bedoeld in artikel 10, eerste lid, onderdeel d, 11, eerste lid, onderdeel d, of 12, eerste lid, onderdeel d, wordt in het register ingeschreven indien hij in de staat, waar hij die opleidingstitel heeft behaald, gerechtigd is beroepsmatig werkzaamheden te verrichten op het gebied van architectuur, stedenbouw, tuin- en landschapsarchitectuur of interieurarchitectuur of indien hij met goed gevolg de tweejarige beroepservaringperiode, bedoeld in artikel 12e, heeft afgesloten of een naar het oordeel van het bureau daarmee vergelijkbare beroepservaring heeft opgedaan.

  2. 2

    Een persoon die in het bezit is van een getuigschrift als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel j, 10, eerste lid, onderdeel f, 11, eerste lid, onderdeel f, of 12, eerste lid, onderdeel f, wordt in het register ingeschreven indien hij in het derde land, waar hij dat getuigschrift heeft behaald, gerechtigd is beroepsmatig werkzaamheden te verrichten op het gebied van architectuur, stedenbouw, tuin- en landschapsarchitectuur of interieurarchitectuur of indien hij met goed gevolg de tweejarige beroepservaringperiode, bedoeld in artikel 12e, heeft afgesloten of een naar het oordeel van het bureau daarmee vergelijkbare beroepservaring heeft opgedaan.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.