Wet op de accijns

WA

Huidige tekst

Artikel 44 WA

Geldt sinds 1 april 2002

  1. 1

    De vergunning vermeldt voor welke soort of voor welke soorten accijnsgoederen de accijnsgoederenplaats als zodanig is aangewezen.

  2. 2

    In de vergunning bepaalt de inspecteur zo nodig nader op welke wijze aan de bij of krachtens deze wet gestelde voorwaarden moet worden voldaan.

  3. 3

    De inspecteur kan in de vergunning nadere voorwaarden opnemen ter verzekering van een juiste toepassing van het bepaalde bij of krachtens deze wet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2018:1180Parket bij de Hoge Raad, 19 oktober 2018 (belastingrecht)

    Belanghebbende, een groothandelaar in accijnsgoederen (minerale oliën), heeft een vergunning opslag in een accijnsgoederenplaats. Op grond van artikel 56, lid 1, Wet op de accijns dient een…

  • ECLI:NL:GHDHA:2014:4127Gerechtshof Den Haag, 26 november 2014 (belastingrecht)

    In het principale hoger beroep van belanghebbende is in geschil of: ( i) de Inspecteur van belanghebbende zekerheid kan verlangen, (ii) de Nederlandse accijnswetgeving waarop de verlangde zekerheid…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.