Wet buitengewoon pensioen 1940-1945

WBP

Huidige tekst

Artikel 4 WBP

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    De deelnemer aan het verzet heeft recht op buitengewoon pensioen in geval van: a.verwonding of verminking, in verband met het verzet bekomen; b.ziekten of gebreken, welke geheel of gedeeltelijk het gevolg zijn van verrichtingen of vermoeienissen aan dit verzet verbonden, of van de behandeling ondervonden tijdens gevangenschap ter zake van het verzet, of van bijzondere omstandigheden of toestanden, welke zich bij het verzet hebben voorgedaan, dan wel welke tot uiting zijn gekomen of verergerd onder overwegende invloed van die verrichtingen, vermoeienissen, behandeling, bijzondere omstandigheden of toestanden; een en ander onder voorbehoud, dat de toestand van de belanghebbende tengevolge van deze verwonding, verminking, ziekten of gebreken blijken een invaliditeit te veroorzaken van ten minste 10 procent.

  2. 2

    Indien de in het eerste lid bedoelde verwonding, verminking, ziekten of gebreken een invaliditeit veroorzaken van tenminste veertig procent, doch het totaal der invaliditeit een hoger percentage bedraagt, geldt voor de vaststelling van de mate van invaliditeit waarnaar het buitengewoon pensioen wordt berekend, dit hoger percentage, voorzoveel de meerdere invaliditeit niet duidelijk uit andere oorzaken dan het verzet is ontstaan.

  3. 3

    Het verband of gevolg, bedoeld in het eerste lid, wordt geacht aanwezig te zijn indien de deelnemer aan het verzet: a.tijdens de bezetting of in aansluiting daarop in verband met het verzet drie maanden of langer in gevangenschap heeft doorgebracht dan wel naar het oordeel van de Raad, de Stichting 1940-1945 gehoord, in verband met de aard van zijn verzetsactiviteiten aan buitengewoon zware en langdurige spanningen heeft blootgestaan en b.voor tenminste zestig procent invalide is en deze invaliditeit niet duidelijk uit andere oorzaken dan het verzet is ontstaan.

  4. 4

    Bij toepassing van dit artikel wordt rekening gehouden met de inzichten en ervaringen van de medische wetenschap met betrekking tot de relatie tussen het verzet en de geestelijke en lichamelijke gezondheidstoestand.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CRVB:2006:AV0747Centrale Raad van Beroep, 19 januari 2006 (socialezekerheidsrecht)

    Bij de bepaling van de mate van verzetsgerelateerde invaliditeit dienen ook de psychische gevolgen, ontstaan door de beleving van hetgeen aan familieleden bij deelneming aan het verzet is overkomen…

  • ECLI:NL:CRVB:2003:AH8918Centrale Raad van Beroep, 16 mei 2003 (socialezekerheidsrecht)

    Is een eerste stap in de medische beoordeling met betrekking tot buitengewoon pensioen over de aard en omvang van verzetsactiviteiten gericht op zelfstandig rechtsgevolg?

  • ECLI:NL:CRVB:2002:AF3495Centrale Raad van Beroep, 17 oktober 2002 (socialezekerheidsrecht)

    -

  • ECLI:NL:CRVB:2002:AF2573Centrale Raad van Beroep, 8 augustus 2002 (socialezekerheidsrecht)

    -

  • ECLI:NL:CRVB:2002:AE5926Centrale Raad van Beroep, 13 juni 2002 (bestuursrecht)

    -

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.