Warenwetbesluit Cacao en chocolade

Huidige tekst

Artikel 11 Warenwetbesluit Cacao en chocolade

Geldt sinds 3 augustus 2003

  1. 1

    De aanduiding chocolade mag uitsluitend en moet worden gebezigd voor chocolade met in totaal ten minste 35% droge cacaobestanddelen, inclusief ten minste 18% cacaoboter en ten minste 14% vetvrije droge cacaobestanddelen.

  2. 2

    De aanduiding chocolade mag gebruikt worden in combinatie met de woorden: a.-hagelslag of -vlokken, voor zover de waar: 1° wordt aangeboden in de vorm van korrels of vlokken; en 2° in totaal ten minste 32% droge cacaobestanddelen bevat, inclusief ten minste 12% cacaoboter en ten minste 14% vetvrije droge cacaobestanddelen; b.-couverture, voor zover de waar ten minste 35% droge cacaobestanddelen bevat, inclusief ten minste 31% cacaoboter en ten minste 2,5% vetvrije droge cacaobestanddelen; c.gianduja - (of afleidingen van het woord gianduja), voor gianduja met: 1° ten minste 32% droge cacaobestanddelen inclusief ten minste 8% vetvrije droge cacaobestanddelen; en 2° een zodanige hoeveelheid fijngemaakte hazelnoten dat 100 gram van de waar ten minste 20 gram en ten hoogste 40 gram hazelnoten bevat; waaraan mogen zijn toegevoegd: 3° melk, of droge melkbestanddelen verkregen door indampen van melk, in een zodanige verhouding dat de voor consumptie gerede waar ten hoogste 5% droge melkbestanddelen bevat; 4° amandelen, hazelnoten en andere noten, geheel of in stukken, in een zodanige verhouding dat het gewicht daarvan, gevoegd bij dat van de fijngemaakte hazelnoten, niet meer dan 60% van het totale gewicht van de waar uitmaakt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.