Huidige tekst
Artikel 43 Vr Wft
- 1
Aanbieders van beleggingsobjecten als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, zijn vrijgesteld van het ingevolge het Deel Gedragstoezicht financiële ondernemingen van de wet bepaalde.
- 2
Aanbieders zijn vrijgesteld van het ingevolge het Deel Gedragstoezicht financiële ondernemingen van de wet bepaalde, voorzover zij financiële producten, met uitzondering van krediet, aanbieden aan: 1°. consumenten die bij hen werkzaam zijn of anderszins onder hun verantwoordelijkheid vallen; 2°. consumenten die werkzaam zijn bij of anderszins onder de verantwoordelijkheid vallen van andere rechtspersonen waarmee zij in een formele of feitelijke zeggenschapsstructuur zijn verbonden; of 3°. consumenten of, indien het aanbieden van verzekeringen betreft, cliënten waarmee zij in een formele of feitelijke zeggenschapsstructuur zijn verbonden.
- 3
Aanbieders van krediet zijn vrijgesteld van artikel 4:9, tweede lid, van de wet voorzover dat betrekking heeft op personen als bedoeld in artikel 4:9, tweede lid, van de wet die geen andere werkzaamheden met betrekking tot krediet verrichten dan het incasseren van vorderingen.
- 4
Ondernemingen waarop de vrijstelling bedoeld in artikel 3, van toepassing is, zijn vrijgesteld van het ingevolge het Deel Gedragstoezicht financiële ondernemingen van de wet bepaalde. 4 Personen waarop de vrijstelling, bedoeld in artikel 3c van toepassing is, zijn vrijgesteld van het ingevolge het Deel Gedragstoezicht financiële ondernemingen van de wet bepaalde. 6 Aanbieders van verzekeringen zijn vrijgesteld van artikel 4:9, tweede lid, van de wet, voorzover dat betrekking heeft op personen als bedoeld in artikel 4:9, tweede lid, van de wet, die geen andere werkzaamheden verrichten met betrekking tot verzekeringen dan schadebehandeling of het innen van premies. 7 Aanbieders van zorgverzekeringen als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Zorgverzekeringswet zijn vrijgesteld van artikel 4:17, eerste lid, van de wet en de artikelen 57, eerste lid, aanhef en onderdeel c, en 77, eerste lid, aanhef en onderdeel c, van het besluit. 8 Kredietkopers waarop de vrijstelling, bedoeld in artikel 3d, van toepassing is, zijn vrijgesteld van het bepaalde ingevolge het Deel Gedragstoezicht financiële ondernemingen van de wet, met uitzondering van de artikelen 4:81g, 4:81j, 4:81k, eerste lid, en 4:81m, tweede lid, van de wet.