Huidige tekst
Artikel 29 Vorderingswet
- 1
Onze Ministers, aan wie krachtens artikel 3 of 23 vorderingsbevoegdheid is verleend, kunnen van een ieder inlichtingen en inzage van zakelijke gegevens en bescheiden vorderen, voor zover zij die voor een goede uitvoering van deze wet nodig achten.
- 2
Zij kunnen de uitoefening van de in het eerste lid bedoelde bevoegdheden, opdragen aan daartoe schriftelijk door hen aangewezen personen.
- 3
De artikelen 5:12. , 5:13, 5:15 en 5:20, eerste en tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de in het tweede lid bedoelde personen.
- 4
Zo nodig oefenen die personen de in het eerste lid genoemde bevoegdheid uit met behulp van de sterke arm.
- 5
Onze Ministers zijn bevoegd tot overeenkomstige toepassing van artikel 5:20, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht ten aanzien van de in het tweede lid bedoelde personen.