Voorschrift Vreemdelingen 2000

VV

Huidige tekst

Artikel 6.6 VV

Geldt sinds 1 april 2018

  1. 1

    Het inreisverbod wordt ambtshalve opgeheven indien door of namens de vreemdeling tegen wie het inreisverbod is uitgevaardigd een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 van de Wet is aangevraagd en door de Immigratie- en Naturalisatiedienst is vastgesteld dat de vreemdeling voor verlening van de gevraagde verblijfsvergunning in aanmerking komt, indien het betreft een vergunning die verband houdt met een beperking als bedoeld in artikel 3.4, eerste lid, onder a tot en met e, g, j, m, n, q en s, van het Besluit.

  2. 2

    Het eerste lid is niet van toepassing op de vreemdeling tegen wie een inreisverbod is uitgevaardigd waaraan de rechtgevolgen, bedoeld in artikel 66a, zevende lid, van de Wet, zijn verbonden.

  3. 3

    Het inreisverbod wordt ambtshalve opgeheven indien uit een door Nederland aangegane verdragsrechtelijke verplichting volgt dat aan de vreemdeling een verblijfsvergunning dient te worden verleend.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:19039Rechtbank Den Haag, 12 november 2024 (bestuursrecht)

    verzoek opheffing SIS-signalering - ambtshalve toets opheffing inreisverbod - niet van verblijfsrecht in Portugal gebleken - geen beschermwaardig familieleven artikel 8 EVRM - geen aanleiding voor…

  • ECLI:NL:RBNNE:2022:2323Rechtbank Noord-Nederland, 30 mei 2022 (vreemdelingenrecht)

    De werking van het terugkeerbesluit en het inreisverbod kunnen gedurende het rechtmatig verblijf van eiser op grond van het EU-recht niet worden opgeschort. De werking van het terugkeerbesluit en het…

  • ECLI:NL:RBDHA:2021:9312Rechtbank Den Haag, 26 mei 2021 (vreemdelingenrecht)

    De rechtbank is van oordeel dat verweerder de bewijslast ten onrechte heeft omgedraaid door te stellen dat het aan eiser is om aan te tonen dat sprake is van een oprecht huwelijk. Verweerder had…

  • ECLI:NL:RBDHA:2021:8676Rechtbank Den Haag, 23 april 2021 (vreemdelingenrecht)

    De verblijfsvergunning van eiseres onder de beperking ‘verblijf bij partner’ is eerder ingetrokken. Het paspoort dat eiseres had overgelegd is namelijk aan de hand van documenten opgemaakt die met…

  • ECLI:NL:RVS:2020:2150Raad van State, 9 september 2020 (vreemdelingenrecht)

    Bij besluit van 10 september 2018 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om hem een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen (hierna: een mvv), afgewezen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2020:431Rechtbank Den Haag, 16 januari 2020 (vreemdelingenrecht)

    Sierra Leoonse, opvolgende asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard vanwege het ontbreken van nieuwe feiten en omstandigheden

  • ECLI:NL:RBDHA:2019:14363Rechtbank Den Haag, 15 november 2019 (vreemdelingenrecht)

    Surinaamse vreemdeling, terugkeerbesluit en oplegging van een inreisverbod van twee jaar

  • ECLI:NL:RBDHA:2018:15253Rechtbank Den Haag, 26 oktober 2018 (vreemdelingenrecht)

    Afwijzing aanvraag tot verlening van een verblijfsvergunning omdat eiser een licht inreisverbod heeft. De rechtbank is van oordeel dat het betoog dat verweerder ten onrechte de aanvraag niet heeft…

13 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.