Verdrag van handel en scheepvaart tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Polen

Huidige tekst

Artikel II Verdrag van handel en scheepvaart tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Polen

Geldt sinds 5 juni 1925

II Betreffende art. II. Het is wel verstaan, lat de bepalingen van art. II, volgens welke de onderdanen der Hooge Verdragsluitende Partijen het recht zullen hebben om voor de rechtbanken te kunnen optreden op voet van gelijkheid met de eigen onderdanen, alsmede de bepaling van art. III, betreffende den vrijen toegang der naamlooze en andere vennootschappen tot de rechtbanken, niet van toepassing zijn op het verleenen van kosteloozen rechtsbijstand, noch op de vrijstelling van de ,,cautio judicatum solvi’’.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.