Verdrag tussen de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, de Regering van de Franse Republiek, de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland en de Regering van de Italiaanse Republiek tot oprichting van een Gezamenlijke Organisatie voor Samenwerking op Defensie-mate

Huidige tekst

Artikel 15 Verdrag tussen de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, de Regering van de Franse Republiek, de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland en de Regering van de Italiaanse Republiek tot oprichting van een Gezamenlijke Organisatie voor Samenwerking op Defensie-mate

Geldt sinds 9 september 1998

De personeelsleden van de OCCAR: a.genieten, zelfs nadat hun dienstverband met de OCCAR is beëindigd, immuniteit van enigerlei rechtsvervolging met betrekking tot door hen gesproken of geschreven woorden en alle door hen in de uitoefening van hun functie verrichte handelingen; deze immuniteit geldt evenwel niet in geval van een verkeersovertreding met een motorvoertuig begaan door een personeelslid van de OCCAR, of in geval van schade veroorzaakt door een aan hem toebehorend of door hem bestuurd motorvoertuig; b.zijn vrijgesteld van enigerlei verplichting met betrekking tot de militaire dienst; c.genieten onschendbaarheid van al hun officiële stukken en documenten; d.genieten, met de gezinsleden die deel uitmaken van hun huishouden, dezelfde vrijstellingen van inreisbeperkingen en vreemdelingenregistratie als die welke doorgaans worden verleend aan de personeelsleden van internationale organisaties; e.genieten, ten aanzien van wisselbeperkingen, dezelfde voorrechten als die welke doorgaans worden verleend aan de personeelsleden van internationale organisaties; f.genieten, bij internationale crises, dezelfde repatriëringsfaciliteiten als die welke gelden voor diplomaten; dit geldt ook voor de gezinsleden die deel uitmaken van hun huishouden; g.zijn gerechtigd bij hun eerste vestiging in de desbetreffende lidstaat hun verhuisboedel en persoonlijke bezittingen belastingvrij in te voeren en bij beëindiging van hun functie in de betrokken lidstaat hun verhuisboedel en persoonlijke bezittingen belastingvrij uit te voeren, met inachtneming van de voorwaarden die hieraan worden gesteld door de lidstaat op wiens grondgebied dit recht wordt uitgeoefend.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.