Verdrag tot invoering van een eenvormige wet op wisselbrieven en orderbriefjes

Huidige tekst

Artikel 31 Verdrag tot invoering van een eenvormige wet op wisselbrieven en orderbriefjes

Geldt sinds 1 januari 1934

Het aval wordt op den wisselbrief of op een verlengstuk gesteld. Het wordt uitgedrukt door de woorden: „goed voor aval” of door een soortgelijke uitdrukking; het wordt door den avalgever onderteekend. De enkele handteekening van den avalgever, gesteld op de voorzijde van den wisselbrief, geldt als aval, behalve wanneer de handteekening die is van den betrokkene of van den trekker. In het aval moet worden vermeld, voor wien het is gegeven. Bij gebreke hiervan wordt het geacht voor den trekker te zijn gegeven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.