Huidige tekst
Artikel 1 Verdrag nopens de vrijheid van de doorvoer met Statuut
De personen, bagage en goederen, alsmede de vaartuigen, booten, voertuigen, wagons of andere middelen van vervoer, zullen geacht worden in doorvoer te zijn over grondgebied dat onder de souvereiniteit of de autoriteit van een der Verdragstaten is geplaatst, indien het vervoer over dat grondgebied, met of zonder overlading, (entreposeering), lastbreking of verandering in de wijze van vervoer, slechts een gedeelte uitmaakt van een geheele reis, die begonnen is en moet eindigen buiten de grenzen van den Staat, over wiens grondgebied de doorvoer plaats heeft. Transporten van dezen aard zullen in dit Statuut worden aangeduid onder den naam van „doorvoer-transporten".