Universele Verklaring van de Rechten van de Mens

UVRM

Huidige tekst

Artikel 23 UVRM

Geldt sinds 10 december 1948

  1. 1

    Een ieder heeft recht op arbeid, op vrije keuze van beroep, op rechtvaardige en gunstige arbeidsvoorwaarden en op bescherming tegen werkloosheid.

  2. 2

    Een ieder, zonder enige achterstelling, heeft recht op gelijk loon voor gelijke arbeid.

  3. 3

    Een ieder, die arbeid verricht, heeft recht op een rechtvaardige en gunstige beloning, welke hem en zijn gezin een menswaardig bestaan verzekert, welke beloning zo nodig met andere middelen van sociale bescherming zal worden aangevuld.

  4. 4

    Een ieder heeft het recht om vakverenigingen op te richten en zich daarbij aan te sluiten ter bescherming van zijn belangen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2009:BJ6596Parket bij de Hoge Raad, 27 november 2009 (civiel recht)

    Arbeidsrecht; kennelijk onredelijk ontslag ex art. 7:681 BW. Beoordeling van een vordering ex art. 7:681 lid 1 en 2 vergt dat eerst, aan de hand van alle omstandigheden van het geval, wordt…

  • ECLI:NL:PHR:2004:AM2312Parket bij de Hoge Raad, 30 januari 2004 (civiel recht)

    30 januari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/176HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: de vereniging PARALLEL ENTRY, gevestigd te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, EISERES tot cassatie…

  • ECLI:NL:HR:1989:ZC4110Hoge Raad, 27 september 1989 (belastingrecht)

    art. 5 Wet IB 1964; meewerkaftrek; gelijkheidsbeginsel; art. 26 IVBPR; recht van bezwaar en beroep voor de echtgenoot van degene aan wie een aanslag is opgelegd.

  • ECLI:NL:PHR:1988:13Parket bij de Hoge Raad, 14 januari 1988 (belastingrecht)

    art. 5 Wet IB 1964; meewerkaftrek; gelijkheidsbeginsel; art. 26 IVBPR; recht van bezwaar en beroep voor de echtgenoot van degene aan wie een aanslag is opgelegd.

  • ECLI:NL:RBAMS:2019:466Rechtbank Amsterdam, 24 januari 2019 (civiel recht)

    Oplegging civielrechtelijk bestuursverbod ex artikel 106a lid 1 sub c Faillissementswet (Fw) op het verzoek van het openbaar ministerie (OM). Overwegingen over ontvankelijkheid OM, ‘nemo tenetur’ en…

  • ECLI:NL:CRVB:2018:3474Centrale Raad van Beroep, 7 november 2018 (socialezekerheidsrecht)

    Conclusie van advocaat-generaal Widdershoven over de toepassing van het leerstuk van afgeleid belang in algemene zin en in het sociaal domein in het bijzonder. In de conclusie wordt vijf vuistregels…

  • ECLI:NL:GHARL:2017:8427Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 26 september 2017 (belastingrecht)

    IB/PVV. Bezorger van dagbladen. ROW of dienstbetrekking?

  • ECLI:NL:CRVB:2015:282Centrale Raad van Beroep, 13 februari 2015 (bestuursrecht)

    In het algemeen kan worden aangenomen dat de regeling in het bestuursrecht over heffing van griffierecht, inclusief de thans daarbij behorende bedragen aan griffierecht, van dien aard is dat…

19 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.