Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994

Ur AWR

Huidige tekst

Artikel 30b Ur AWR

Geldt sinds 1 januari 2011

De inspecteur vermindert ambtshalve een inkomensgegeven dat op een te hoog bedrag is bepaald zodra hem dat is gebleken, tenzij: a.vijf jaren zijn verlopen na het einde van het kalenderjaar waarop het inkomensgegeven betrekking heeft; b.de onjuistheid van het inkomensgegeven voortvloeit uit jurisprudentie die eerst is gewezen nadat de met het inkomensgegeven samenhangende inkomstenbelasting- of loonbelastingschuld onherroepelijk vast is komen te staan, tenzij de Minister van Financiën anders heeft bepaald; c.de onjuistheid van het inkomensgegeven voortvloeit uit beleidsregels van de Minister van Financiën die eerst zijn uitgevaardigd nadat de met het inkomensgegeven samenhangende inkomstenbelasting- of loonbelastingschuld onherroepelijk vast is komen te staan, tenzij de Minister van Financiën anders heeft bepaald; d.de onjuistheid van het inkomensgegeven voortvloeit uit de omstandigheid dat eerst nadat de met het inkomensgegeven samenhangende inkomstenbelasting- of loonbelastingschuld onherroepelijk vast is komen te staan een beroep wordt gedaan op een fiscale faciliteit, waarop een beroep moet worden gedaan bij de aangifte of op een ander wettelijk voorgeschreven moment; of e.sprake is van enig feit waardoor het inkomensgegeven op een te hoog bedrag is bepaald en enig ander inkomensgegeven, al dan niet van dezelfde betrokkene, ter zake van datzelfde feit op een te laag bedrag is bepaald, met dien verstande dat in dat geval wel ambtshalve vermindering plaatsvindt voor zover de met het laatstgenoemde inkomensgegeven samenhangende inkomstenbelasting of loonbelasting is of kan worden geheven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:463Parket bij de Hoge Raad, 8 mei 2026 (belastingrecht)

    Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 8 mei 2026 in de zaken 25/02700 ECLI:NL:PHR:2026:456 en 2502701 ECLI:NL:PHR:2026:457

  • ECLI:NL:HR:2024:667Hoge Raad, 26 april 2024 (belastingrecht)

    pensioenuitkeringen VN, ambtshalve vermindering, nieuwe jurisprudentie; artikel 45aa, letter b, Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001

  • ECLI:NL:GHARL:2026:6018Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 15 september 2026 (belastingrecht)

    IB/PVV. Prejudiciële vragen aan Hoge Raad over toetsingskader nieuwe jurisprudentie

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:2777Gerechtshof Den Haag, 1 september 2026 (belastingrecht)

    Art. 9.6 Wet IB 2001; art. 45 AA UR IB2001. Het Brandweermanarrest (HR 25 maart 2022, ECLI:NL:HR:2022:444) is geen “nieuwe jurisprudentie” ten opzichte van het Smeerkuilarrest (HR 29 juni 1983…

  • ECLI:NL:RVS:2018:2140Raad van State, 27 juni 2018 (bestuursrecht)

    Bij onderscheiden besluiten van 19 april 2016 heeft de Belastingdienst/Toeslagen verzoeken van [appellant sub 2] om herziening van de definitieve berekening kinderopvangtoeslag over de jaren 2008 en…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.