Uitvoeringsregeling Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen

Uitv reg Awir

Huidige tekst

Artikel 5a Uitv reg Awir

Geldt sinds 1 januari 2024

Herziening in het voordeel van belanghebbende 1 De Dienst Toeslagen herziet in het voordeel van de belanghebbende een toegekende of herziene tegemoetkoming die onherroepelijk is geworden zodra de Dienst Toeslagen is gebleken dat die tegemoetkoming op een te laag bedrag is vastgesteld, tenzij: a.vijf jaren zijn verstreken na de laatste dag van het berekeningsjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft en de belanghebbende niet binnen een jaar na de dagtekening van de beschikking tot toekenning om herziening heeft verzocht; b.de onjuistheid van de tegemoetkoming voortvloeit uit jurisprudentie die eerst is gewezen nadat die tegemoetkoming onherroepelijk vast is komen te staan, tenzij de Minister van Financiën, zonodig in overeenstemming met de Ministers die het aangaat, anders heeft bepaald; c.de onjuistheid van de tegemoetkoming voortvloeit uit beleidsregels van de Minister van Financiën of van de Ministers die het aangaat, die eerst zijn uitgevaardigd nadat die tegemoetkoming onherroepelijk vast is komen te staan, tenzij de Minister van Financiën, zonodig in overeenstemming met de Ministers die het aangaat, anders heeft bepaald; d.de onjuistheid van de tegemoetkoming voortvloeit uit de omstandigheid dat eerst nadat die tegemoetkoming onherroepelijk vast is komen te staan een beroep wordt gedaan op een faciliteit, waarop een beroep moet worden gedaan op een eerder wettelijk voorgeschreven moment; of e.sprake is van enig feit waardoor de tegemoetkoming op een te laag bedrag is vastgesteld en een andere tegemoetkoming, al dan niet van dezelfde belanghebbende, ter zake van datzelfde feit op een te hoog bedrag is vastgesteld en ter zake daarvan niet is of kan worden teruggevorderd, met dien verstande dat in dat geval wel in het voordeel van belanghebbende wordt herzien voor zover het te laag vastgestelde bedrag van de tegemoetkoming het te hoog vastgestelde bedrag van de andere tegemoetkoming dat niet is of kan worden teruggevorderd te boven gaat. 2 De Dienst Toeslagen herziet onder bijzondere omstandigheden, onder overeenkomstige toepassing van het eerste lid, onderdelen a tot en met c, in het voordeel van de belanghebbende een beschikking tot terugvordering die onherroepelijk is geworden voor zover de nadelige gevolgen van die beschikking onevenredig zijn in verhouding tot de met die beschikking te dienen doelen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2023:2948Raad van State, 2 augustus 2023 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 19 juli 2021 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het verzoek van [appellant] om herziening van het besluit van de dienst van 1 mei 2020, waarbij het recht van [appellant] op…

  • ECLI:NL:GHDHA:2022:1649Gerechtshof Den Haag, 21 juli 2022 (belastingrecht)

    Art. 9.6 Wet IB 2001. Art. 67e Awr. Giften aan instelling opgevoerd als aftrekpost bij aangiften IB/PVV 2012 en 2013. FIOD-onderzoek. Valse giftkwitanties. Giftenaftrek gecorrigeerd bij…

  • ECLI:NL:RBZWB:2022:2358Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 26 april 2022 (bestuursrecht)

    HUUR

  • ECLI:NL:RBDHA:2021:9859Rechtbank Den Haag, 14 juli 2021 (belastingrecht)

    Eiser maakt contante giften niet aannemelijk. Kwitanties en bankafschriften vormen onvoldoende bewijs dat giften ten goede zijn gekomen aan anbi. Verzoek om ambtshalve vermindering terecht afgewezen.

  • ECLI:NL:RBMNE:2020:5908Rechtbank Midden-Nederland, 15 januari 2020 (bestuursrecht)

    In dit geval maken de omstandigheden dat de rechtbank van oordeel is dat eiser ondanks het ontbreken van bankafschriften toch voldoende heeft aangetoond dat hij de kosten van kinderopvang heeft…

  • ECLI:NL:RVS:2019:1344Raad van State, 24 april 2019 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 3 januari 2018, aangevuld bij besluit van 14 mei 2018, heeft de Belastingdienst/Toeslagen het verzoek van [appellante] om herziening van de zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag en…

  • ECLI:NL:RVS:2019:1256Raad van State, 17 april 2019 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 27 maart 2017 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het verzoek van [appellante] om herziening van de kinderopvangtoeslag over 2012, 2013 en 2014 afgewezen.

  • ECLI:NL:RVS:2018:3944Raad van State, 5 december 2018 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 28 januari 2017 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het verzoek van [appellante] om herziening van haar recht op kinderopvangtoeslag over 2009 en 2010 afgewezen.

18 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.