Rijkswet Gemeenschappelijk Hof van Justitie

Huidige tekst

Artikel 37 Rijkswet Gemeenschappelijk Hof van Justitie

Geldt sinds 10 oktober 2010

  1. 1

    Tegen een rechtspositionele beschikking of handeling waarbij een rechter, de directeur bedrijfsvoering, een gerechtsambtenaar, een rechterlijk ambtenaar in opleiding, een gewezen rechter, een gewezen directeur bedrijfsvoering, een gewezen gerechtsambtenaar of een gewezen rechterlijk ambtenaar in opleiding als zodanig, hun nagelaten betrekkingen of hun rechtverkrijgenden belanghebbende zijn, kan een belanghebbende beroep instellen bij het Gerecht in eerste aanleg van het land waar belanghebbende woont. Indien belanghebbende niet woont in één van de landen, is het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao bevoegd.

  2. 2

    Tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg kan een belanghebbende hoger beroep instellen bij het Hof.

  3. 3

    De behandeling en de beslissing in hoger beroep geschieden door een meervoudige kamer van het Hof bestaande uit een lid of plaatsvervangend lid van het Hof als voorzitter en twee andere personen niet zijnde rechters.

  4. 4

    De andere personen bedoeld in het derde lid worden benoemd bij koninklijk besluit voor een periode van drie jaar. De voordracht daartoe wordt gedaan op voorstel van Onze Ministers gezamenlijk. Herbenoeming is mogelijk.

  5. 5

    Op de andere personen bedoeld in het derde lid is artikel 24, eerste en tweede lid, van overeenkomstige toepassing.

  6. 6

    Op de behandeling van het beroep en het hoger beroep zijn de regels van het procesrecht voor de behandeling van ambtenaarrechtelijke geschillen van het land waarin het beroep wordt behandeld van overeenkomstige toepassing.

  7. 7

    Geen beroep kan worden ingesteld tegen a. een beschikking tot benoeming of aanstelling, tenzij het beroep wordt ingesteld door een rechter, gerechtsambtenaar, directeur bedrijfsvoering of rechterlijk ambtenaar in opleiding als zodanig, hun nagelaten betrekkingen of hun rechtverkrijgenden; b. een beschikking van de Hoge Raad als bedoeld in de artikelen 29 tot en met 32; c. een vordering als bedoeld in artikel 33.

  8. 8

    Met een beschikking, handeling of vordering bedoeld in dit artikel wordt een weigering te beslissen, te handelen of te vorderen gelijkgesteld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:OGHACMB:2025:42Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 5 maart 2025 (ambtenarenrecht)

    Inhoudsindicatie: uitspraak van de bijzondere kamer als bedoeld in artikel 37 Rijkswet Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Er is geen procesbelang meer na het sluiten van een…

  • ECLI:NL:OGHACMB:2023:77Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 24 mei 2023 (ambtenarenrecht)

    Bijzondere kamer als bedoeld in artikel 37, eerste lid, Rijkswet Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Betreft eervol ontslag wegens opheffing van de betrekking van deurwaarder. Het hoger beroep is…

  • ECLI:NL:OGHACMB:2023:76Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 17 mei 2023 (ambtenarenrecht)

    Bijzondere kamer als bedoeld in artikel 37, eerste lid, Rijkswet Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Betreft verzoeken om herziening van de uitspraken van het Hof en het Gerecht en om…

  • ECLI:NL:OGEAA:2022:346Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 7 oktober 2022 (ambtenarenrecht)

    Weigering verlenging van de aanwijzing tot het tijdelijk, voor drie jaar, vervullen van de functie van rechter-plaatsvervanger. Mondelinge mededeling is mondeling besluit (handeling) waartegen beroep…

  • ECLI:NL:OGEAA:2022:304Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 16 juni 2022 (ambtenarenrecht)

    ‘indexeren’ van de salarissen van de gerechtsambtenaren. Duuraanspraak. Het volledig negeren door de Beheerraad van de salarisverhoging van de ambtenaren van Nederland-BES voor 2018 is niet…

  • ECLI:NL:OGHACMB:2021:395Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 29 november 2021 (ambtenarenrecht)

    Bijzondere kamer als bedoeld in artikel 37, eerste lid, Rijkswet Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Personeelsreglement ondersteunend personeel Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Landsverordening…

  • ECLI:NL:OGHACMB:2021:330Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 22 juli 2021 (bestuursrecht)

    De RAr 1951 voorziet niet in de mogelijkheid in hoger beroep op verzoek een beslissing bij voorraad te treffen. De voorzitter van het Hof als bedoeld in artikel 37, derde lid, van de Rijkswet…

  • ECLI:NL:OGEAC:2020:130Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, 4 mei 2020 (civiel recht)

    Hof niet ontvankelijk - procedure bij bestuursrechter

16 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.