Terug naar alle wetten
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
RVV
Geldende tekst van alle 120 artikelen, ingedeeld volgens het BWB-wettenregister.
Inhoudsopgave
Hoofdstuk I Begripsbepalingen
- Artikel 1In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- Artikel 1aOnder de vermelding in dit besluit van een EG-richtlijn of VN/ECE-reglement wordt verstaan hetgeen daaronder wordt…
- Artikel 2De regels van dit besluit betreffende voetgangers zijn mede van toepassing op bestuurders van een…
- Artikel 2aDe regels van dit besluit betreffende motorvoertuigen en bestuurders en passagiers van motorvoertuigen zijn, in plaats…
- Artikel 2bDe regels van dit besluit betreffende fietsen en fietsers zijn, in plaats van de regels betreffende bromfietsen en…
Hoofdstuk II Verkeersregels
§ 1 Plaats op de weg
- Artikel 3Bestuurders zijn verplicht zoveel mogelijk rechts te houden.
- Artikel 4Voetgangers gebruiken het trottoir of het voetpad.
- Artikel 5Fietsers gebruiken het verplichte fietspad of het fiets/bromfietspad.
- Artikel 6Bromfietsers gebruiken het fiets/bromfietspad.
- Artikel 7Bestuurders van een gehandicaptenvoertuig gebruiken het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of…
- Artikel 8Ruiters gebruiken het ruiterpad.
- Artikel 9Voetgangers mogen de rijbaan gebruiken, indien zij een colonne, een optocht of een uitvaartstoet vormen.
- Artikel 10Andere bestuurders dan die genoemd in de artikelen 5 tot en met 8 gebruiken de rijbaan.
§ 2 Inhalen
- Artikel 11Inhalen geschiedt links.
- Artikel 12Het is verboden een voertuig vlak voor of op een voetgangersoversteekplaats in te halen.
§ 3 Files
- Artikel 13Bij fileverkeer behoeft, indien de rijbaan is verdeeld in rijstroken in dezelfde richting, niet de meest rechts gelegen…
§ 4 Oprijden van kruispunten
- Artikel 14Bestuurders mogen een kruispunt niet blokkeren.
§ 5 Verlenen van voorrang
- Artikel 15Op kruispunten verlenen bestuurders voorrang aan voor hen van rechts komende bestuurders.
§ 5a Gedrag bij overwegen
- Artikel 15aWeggebruikers mogen een overweg opgaan, indien zij direct kunnen doorgaan en de overweg geheel kunnen vrijmaken.
§ 6 Doorsnijden militaire colonnes en uitvaartstoeten van motorvoertuigen
- Artikel 16Weggebruikers mogen militaire colonnes en uitvaartstoeten van motorvoertuigen niet doorsnijden.
§ 7 Afslaan
- Artikel 17Bestuurders die willen afslaan, mogen voorsorteren door:
- Artikel 18Bestuurders die afslaan, moeten het verkeer dat hen op dezelfde weg tegemoet komt of dat op dezelfde weg zich naast dan…
§ 8 Maximumsnelheid
- Artikel 19De bestuurder moet in staat zijn zijn voertuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan…
- Artikel 20Binnen de bebouwde kom gelden de volgende maximumsnelheden:
- Artikel 21Buiten de bebouwde kom gelden de volgende maximumsnelheden:
- Artikel 22Voor zover niet ingevolge andere artikelen van dit besluit een lagere maximumsnelheid geldt, gelden voor de volgende…
- Artikel 22aVoor zover niet ingevolge andere artikelen van dit besluit een lagere maximumsnelheid geldt, geldt als maximumsnelheid…
§ 9 Stilstaan
- Artikel 23De bestuurder mag zijn voertuig niet laten stilstaan:
§ 10 Parkeren
- Artikel 24De bestuurder mag zijn voertuig niet parkeren:
- Artikel 25Het is verboden in een parkeerschijf-zone te parkeren, behalve op parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of…
- Artikel 26Op een gehandicaptenparkeerplaats mag slechts worden geparkeerd:
§ 11 Het plaatsen van fietsen en bromfietsen
- Artikel 27Fietsen en bromfietsen worden geplaatst op het trottoir, op het voetpad of in de berm dan wel op andere door het…
§ 12 Signalen en herkenningstekens
- Artikel 28Bestuurders mogen slechts geluidssignalen en knippersignalen geven ter afwending van dreigend gevaar.
- Artikel 29Bestuurders van motorvoertuigen in gebruik bij politie en brandweer, motorvoertuigen in gebruik bij diensten voor…
- Artikel 30Bestuurders van motorvoertuigen die voor nader aan te geven werkzaamheden worden gebruikt, voeren onder nader aan te…
- Artikel 30aBestuurders van de in artikel 29, eerste lid, bedoelde motorvoertuigen mogen onder nader aan te geven omstandigheden…
- Artikel 30bDe artikelen 29 tot en met 30a zijn niet van toepassing op Belgische en Duitse motorvoertuigen in gebruik bij politie…
- Artikel 30cDe motorvoertuigen die onderdeel uitmaken van een uitvaartstoet van motorvoertuigen voeren een herkenningsteken.
- Artikel 31Signalen mogen niet worden gegeven en de in artikel 30c bedoelde herkenningstekens mogen niet worden gevoerd in andere…
§ 13 Gebruik van lichten tijdens het rijden
- Artikel 32Bestuurders van een motorvoertuig, een bromfiets, een snorfiets, niet zijnde een bromfiets als bedoeld in artikel 1…
- Artikel 33Gekoppelde aanhangwagens moeten bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, en bij nacht achterlicht…
- Artikel 34Bij mist, sneeuwval of regen, die het zicht ernstig belemmert, mogen bestuurders van een motorvoertuig en van een…
- Artikel 35Fietsers voeren tijdens het rijden bij nacht of bij dag indien het zicht ernstig wordt belemmerd, verlichting…
- Artikel 35aDe in artikel 35 bedoelde verlichting mag andere weggebruikers niet verblinden.
- Artikel 35bBestuurders van een wagen voeren bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, of bij nacht voor- en achterlicht.
- Artikel 35cDe artikelen 35, eerste tot en met vierde lid en zesde lid, en 35a zijn van overeenkomstige toepassing op bestuurders…
- Artikel 36Ruiters en geleiders van rij- of trekdieren en vee moeten bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, en bij…
- Artikel 37Door voetgangers gevormde colonnes en optochten moeten buiten de bebouwde kom bij dag, indien het zicht ernstig wordt…
§ 14 Gebruik van lichten tijdens het stilstaan
- Artikel 38Bestuurders van een motorvoertuig op meer dan twee wielen, die buiten de bebouwde kom stilstaan op de rijbaan en op…
- Artikel 39Stilstaande aanhangwagens moeten buiten de bebouwde kom op de rijbaan en op langs autosnelwegen en autowegen gelegen…
- Artikel 40Stilstaande wagens moeten buiten de bebouwde kom op de rijbaan bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, en…
§ 15 Bijzondere lichten
- Artikel 41Onverminderd artikel 32, eerste lid, mogen bestuurders van een motorvoertuig bij dag dagrijlicht voeren.
- Artikel 41aVerlichte transparanten die informatie bieden over de bestemming of het gebruik van het voertuig mogen worden gevoerd…
§ 16 Autosnelwegen en autowegen
- Artikel 42Het gebruik van de autosnelweg is slechts toegestaan voor bestuurders van een motorvoertuig waarmee met een snelheid…
- Artikel 43Het is de bestuurders verboden op een autosnelweg of autoweg hun voertuig te keren of achteruit te rijden.
§ 17 Erven
- Artikel 44Voetgangers mogen wegen gelegen binnen een erf over de volle breedte gebruiken.
- Artikel 45Bestuurders mogen binnen een erf niet sneller rijden dan 15 km per uur.
- Artikel 46Het is bestuurders van een motorvoertuig verboden binnen een erf te parkeren anders dan op parkeerplaatsen die als…
§ 18 Rotondes
- Artikel 47Het is bestuurders van een motorvoertuig en bromfietsers die de rijbaan volgen toegestaan vlak voor of op rotondes…
- Artikel 48Het is bestuurders toegestaan vlak voor of op rotondes rechts in te halen.
§ 19 Voetgangers
- Artikel 49Bestuurders moeten blinden, voorzien van een witte stok met één of meer rode ringen, en overigens alle personen die…
§ 20 Voorrangsvoertuigen
- Artikel 50Weggebruikers moeten bestuurders van een voorrangsvoertuig voor laten gaan.
§ 21 Loslopend vee
- Artikel 51Het is verboden rij- of trekdieren of vee zonder toezicht op de weg los te laten lopen.
§ 22 In- en uitstappende passagiers
- Artikel 52Bestuurders die een stilstaande tram of autobus willen voorbijrijden aan de zijde waar passagiers in- en uitstappen…
§ 23 Slepen
- Artikel 53Het is bestuurders van een motorvoertuig verboden een ander motorvoertuig te slepen, indien de afstand van de…
§ 24 Bijzondere manoeuvres
- Artikel 54Bestuurders die een bijzondere manoeuvre uitvoeren, zoals wegrijden, achteruitrijden, uit een uitrit de weg oprijden…
- Artikel 55Bestuurders van een motorvoertuig respectievelijk bromfietsers moeten een teken met hun richtingaanwijzer geven…
- Artikel 56Binnen de bebouwde kom moeten bestuurders aan bestuurders van een autobus de gelegenheid geven van een bushalte weg te…
§ 25 Onnodig geluid
- Artikel 57Bestuurders van een motorvoertuig, bromfietsers en snorfietsers mogen met hun voertuig geen onnodig geluid veroorzaken.
§ 26 Gevarendriehoek
- Artikel 58Stilstaande motorvoertuigen op meer dan twee wielen en aanhangwagens moeten worden aangeduid door een gevarendriehoek…
§ 26a Zitplaatsen
- Artikel 58aTijdens deelname aan het verkeer zitten bestuurders en passagiers op de voor hen bestemde zitplaatsen.
§ 27 Autogordels en kinderbeveiligingssystemen
- Artikel 59Bestuurders van een personenauto, een bedrijfsauto, een driewielig motorvoertuig met gesloten carrosserie of een…
- Artikel 59aBestuurders van een autobus en hun passagiers van 3 jaar of ouder gebruiken de autogordel of het…
- Artikel 59bIn afwijking van artikel 59, eerste en achtste lid, mag anders dan op de voorste zitplaatsen in personenauto’s en…
§ 28 Helmen
- Artikel 60De bestuurder en de passagiers van bromfietsen, snorfietsen, brommobielen zonder gesloten carrosserie, motorfietsen en…
§ 30 Gebruik van mobiele telecommunicatieapparatuur
- Artikel 61aHet is degene die een voertuig bestuurt verboden tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat dat gebruikt kan…
§ 31 Vervoer van personen in of op aanhangwagens en in laadruimten
- Artikel 61bHet is verboden personen te vervoeren in de open of gesloten laadruimte van een motorvoertuig of bromfiets en in of op…
Hoofdstuk III Verkeerstekens
§ 1 Algemene bepalingen
- Artikel 62Weggebruikers zijn verplicht gevolg te geven aan de verkeerstekens die een gebod of verbod inhouden.
- Artikel 63Verkeerstekens gaan boven verkeersregels, voor zover deze regels onverenigbaar zijn met deze tekens.
- Artikel 63aTijdelijke geplaatste of toegepaste verkeerstekens op het wegdek gaan boven ter plekke aangebrachte andere…
- Artikel 63bWanneer verkeerstekens die een maximumsnelheid aanduiden een hogere snelheid aangeven dan:
- Artikel 64Verkeerslichten gaan boven verkeerstekens die de voorrang regelen.
§ 2 Verkeersborden
- Artikel 64aVerkeersborden mogen op een elektronisch signaleringsbord worden weergegeven.
- Artikel 65Ingeval een weg is verdeeld in rijstroken, kan de toepassing van een verkeersbord worden beperkt tot één of meer…
- Artikel 66Indien boven een verkeersbord het woord «zone» is aangebracht en een aanduiding van het gebied van de zone is…
- Artikel 67Onder verkeersborden aangebrachte onderborden kunnen inhouden:
§ 3 Verkeerslichten
- Artikel 68Bij driekleurige verkeerslichten betekent:
- Artikel 69Bij tweekleurige verkeerslichten betekent:
- Artikel 70Bij tram/buslichten betekent:
- Artikel 71Bij overweglichten betekent:
- Artikel 72Bij bruglichten betekent rood licht of rood knipperlicht:
- Artikel 73Bij rijstrooklichten betekent:
- Artikel 74Bij voetgangerslichten betekent:
- Artikel 75Geel knipperlicht betekent:
§ 4 Verkeerstekens op het wegdek
- Artikel 76Een doorgetrokken streep die zich niet langs de rand van de rijbaanverharding bevindt, mag niet worden overschreden.
- Artikel 77Bestuurders mogen verdrijvingsvlakken en puntstukken niet gebruiken.
- Artikel 78Bestuurders die de rijbaan volgen zijn verplicht op een kruispunt de richting te volgen die de voorsorteerstrook waarop…
- Artikel 79Bestuurders moeten voor een voor hen bestemde stopstreep stoppen, indien stoppen op grond van dit besluit is verplicht.
- Artikel 80Haaientanden hebben de volgende betekenis:
- Artikel 81Busbanen en busstroken waarop het woord «BUS» is aangebracht mogen slechts worden gebruikt door bestuurders van een…
Hoofdstuk IV Aanwijzingen
§ 1 Verplichtingen weggebruikers
- Artikel 82Weggebruikers zijn verplicht de aanwijzingen op te volgen die mondeling of door middel van gebaren worden gegeven door:
- Artikel 82aWeggebruikers zijn voorts verplicht de aanwijzingen op te volgen die worden gegeven door middel van de verlichte…
- Artikel 83Weggebruikers zijn voorts verplicht te stoppen indien hen een stopteken wordt getoond dat bestaat uit een rode lamp dan…
§ 2 Rangorde aanwijzingen, verkeerstekens en verkeersregels
- Artikel 84Aanwijzingen gaan boven verkeerstekens en verkeersregels.
Hoofdstuk V Bijzondere bepalingen ten behoeve van gehandicapten
§ 1 Uitzonderingen voor gehandicapten
- Artikel 85Op bestuurders van een motorvoertuig op meer dan twee wielen waarin op de door Onze Minister voorgeschreven wijze een…
§ 2 Buiten Nederland afgegeven gehandicaptenparkeerkaarten
- Artikel 86Met een gehandicaptenparkeerkaart worden gelijkgesteld de door het daartoe bevoegde gezag buiten Nederland afgegeven…
Hoofdstuk VA Tijdelijke verlaging maximumsnelheid in geval van verstoring olie-aanvoer
- Artikel 86aIn geval van een ernstige verstoring van de olieaanvoer kan bij regeling van Onze Minister worden bepaald dat op…
- Artikel 86bHet is de bestuurders van de in artikel 86a, eerste lid, bedoelde motorvoertuigen verboden de ingevolge artikel 86a…
Hoofdstuk VB Milieuzones en nul-emissiezones
- Artikel 86cVoor de toepassing van dit hoofdstuk en bijlage 1 wordt verstaan onder:
- Artikel 86dDe geslotenverklaring krachtens verkeersbord C22e van bijlage 1 vanwege een milieuzone is van toepassing op…
- Artikel 86eDe geslotenverklaring krachtens verkeersbord C22e van bijlage 1 vanwege een nul-emissiezone is van toepassing op…
Hoofdstuk VI Ontheffingen en vrijstellingen
§ 1 Algemeen
- Artikel 87Door het bevoegd gezag kan ontheffing worden verleend van de artikelen 3, eerste lid, 4, artikel 5, eerste, tweede en…
§ 2 Autogordels en kinderbeveiligingssystemen
- Artikel 88Indien op grond van medische noodzaak toepassing wordt gevraagd van artikel 149, tweede lid, van de wet voor wat…
§ 5 Voorrangsvoertuigen
- Artikel 91Bestuurders van een voorrangsvoertuig mogen afwijken van de voorschriften van dit besluit voor zover de uitoefening van…
Hoofdstuk VII Strafbepalingen
- Artikel 92Overtreding van de artikelen 3 tot en met 12, 14 tot en met 27, 30, eerste lid, 31 tot en met 43, 45, 46, 49 tot en met…
Hoofdstuk VIII Overgangsbepalingen
- Artikel 96De in de rechterkolom genoemde borden volgens het model van bijlage 2, behorende bij het met ingang van 1 november 1991…
- Artikel 96aVerkeersborden die zijn geplaatst voor de inwerkingtreding van Besluit van 20 oktober 2022 tot wijziging van het…
- Artikel 97Bewegwijzeringsborden, geplaatst voor 1 november 1991, blijven van kracht totdat zij door in bijlage I vastgestelde…
Hoofdstuk XIII Inwerkingtreding
- Artikel 120De artikelen van dit besluit treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de…
Hoofdstuk XIV Citeertitel
- Artikel 121Dit besluit kan worden aangehaald als "Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990" of als "RVV 1990".
Uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Omschrijvingen bij artikelen zijn redactioneel of de openingszin van het artikel. Dit is geen juridisch advies.