Huidige tekst
Artikel 5.7.18 REES 2021
Afwijzingsgronden Onverminderd artikel 2.11 beslist de minister afwijzend op een aanvraag voor subsidie voor het geven van advies indien: a.de adviseur niet overeenkomstig artikel 38, tweede lid, van de Uitvoeringsregeling GLB 2023 is erkend in het kader van het bedrijfsadviseringssysteem; b.advisering in een groepsverband heeft plaatsgevonden; c.de advisering niet hoofdzakelijk was gericht op het in de aanvraag vermelde onderwerp; d.de erkende bedrijfsadviseur financieel niet onafhankelijk is van de aanvrager waardoor het te verstrekken advies niet onpartijdig is in de zin van artikel 15, derde lid, van verordening 2021/2115; e.de erkende bedrijfsadviseur niet toereikend gekwalificeerd of voldoende opgeleid is of sprake is van belangenconflicten als bedoeld in artikel 15, derde lid, van verordening 2021/2115; f.de erkende bedrijfsadviseur niet deskundig is op het onderwerp, bedoeld in artikel 5.7.10, eerste lid, waarop de advisering is gericht; of g.het advies niet in gaat op tenminste de volgende elementen: 1°. de adviesbehoefte van de landbouwer met betrekking tot het gekozen aandachtsgebied; 2°. de specifieke bedrijfssituatie van de landbouwer; 3°. de probleemanalyse; 4°. de beoogde impact van het advies.