Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Suriname betreffende de uitlevering en rechtshulp in strafzaken

Huidige tekst

Artikel 17 Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Suriname betreffende de uitlevering en rechtshulp in strafzaken

Geldt sinds 19 juni 1981

  1. 1

    Voor zover in dit Hoofdstuk niet anders wordt bepaald kunnen de rogatoire commissies en andere verzoeken om rechtshulp door de rechterlijke autoriteiten van de verzoekende Partij rechtstreeks worden gericht tot de rechterlijke autoriteiten van de aangezochte Partij. Zij zullen, vergezeld van de documenten die op hun uitvoering betrekking nebben, hetzij rechtstreeks, hetzij door tussenkomst van de Minister van Justitie van de aangezochte Partij worden teruggezonden.

  2. 2

    De verzoeken bedoeld in artikel 15, eerste lid, kunnen door de rechterlijke autoriteiten worden gericht tot de betrokken dienst van de aangezochte Partij en antwoorden kunnen door die dienst rechtstreeks worden teruggezonden. De verzoeken bedoeld in artikel 15, tweede lid, zullen door de Minister van Justitie van de verzoekende Partij tot de Minister van Justitie van de aangezochte Partij worden gericht.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.