Overeenkomst tot beëindiging van investeringsverdragen tussen de lidstaten van de Europese Unie

Huidige tekst

Artikel 4 Overeenkomst tot beëindiging van investeringsverdragen tussen de lidstaten van de Europese Unie

Geldt sinds 5 mei 2020

Gemeenschappelijke bepalingen 1 De Overeenkomstsluitende Partijen bevestigen dat Arbitragebedingen strijdig zijn met de EU-Verdragen en derhalve geen toepassing kunnen vinden. Als gevolg van deze onverenigbaarheid tussen Arbitragebedingen en de EU-Verdragen kan vanaf de datum waarop de laatste van de partijen bij een Bilateraal Investeringsverdrag een lidstaat van de Europese Unie werd, het Arbitragebeding in een dergelijk Bilateraal Investeringsverdrag niet als rechtsgrondslag voor Arbitrageprocedures dienen. 2 De beëindiging in overeenstemming met artikel 2 van de in bijlage A genoemde Bilaterale Investeringsverdragen en de beëindiging in overeenstemming met artikel 3 van Horizonclausules van de in bijlage B genoemde Bilaterale Investeringsverdragen worden voor elk dergelijk verdrag van kracht zodra deze overeenkomst voor de betrokken Overeenkomstsluitende Partijen overeenkomstig artikel 16 in werking treedt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.