Omgevingswet

Ow

Huidige tekst

Artikel 22.6 Ow

Vervanging tijdelijk deel omgevingsplan

Geldt sinds 4 juni 2026

  1. 1

    Bij de vaststelling van een omgevingsplan kunnen de voor een locatie geldende regels die zijn opgenomen in een besluit als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder a, b, c, g, h, i, j, k, l of m, van de Invoeringswet Omgevingswet alleen alle tegelijk komen te vervallen. Als bij de vaststelling van een omgevingsplan regels worden gesteld die gelden in afwijking van regels in een besluit als bedoeld in de eerste zin dat nog niet komt te vervallen, kunnen in geval van een besluit als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder m, van de Invoeringswet Omgevingswet voor het gehele exploitatiegebied regels als bedoeld in de artikelen 13.14 en 13.15 worden gesteld.

  2. 2

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen gevallen worden aangewezen waarin, in afwijking van het eerste lid, tot een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip de regels, bedoeld in het eerste lid, ook gedeeltelijk voor een locatie kunnen komen te vervallen.

  3. 3

    Uiterlijk op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip zijn alle regels van het omgevingsplan opgenomen in het niet-tijdelijke deel van dat plan.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2026:1510Raad van State, 18 maart 2026 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 22 mei 2025 heeft de raad van de gemeente Ouder-Amstel "Voorbereidingsbesluiten, beperkingengebied lokale spoorweg en bodem" als wijziging van het omgevingsplan van de gemeente…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.