Mandaatregeling gerechtsauditeurs en senior-gerechtsauditeurs in tijdelijke dienst

Huidige tekst

Artikel 1 Mandaatregeling gerechtsauditeurs en senior-gerechtsauditeurs in tijdelijke dienst

Geldt sinds 29 januari 2013

De Raad voor de rechtspraak is bevoegd om namens de Minister van Veiligheid en Justitie de volgende hem toekomende bevoegdheden uit te oefenen: a.de benoeming in tijdelijke dienst in het ambt van senior-gerechtsauditeur en gerechtsauditeur bij een rechtbank of gerechtshof, de Centrale Raad van Beroep of College van Beroep voor bedrijfsleven op grond van artikel 2, zesde lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, artikel 4, tweede lid, Beroepswet onderscheidenlijk artikel 5, tweede lid, Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie; b.het stellen van voorwaarden aan de benoeming, bedoeld onder a, op grond van artikel 2c, tweede tot en met vijfde lid, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.