Beroepswet

Berw

Huidige tekst

Artikel 4 Berw

Geldt sinds 1 juli 2023

  1. 1

    Op de leden met rechtspraak belast is de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, voor zover betrekking hebbend op rechterlijke ambtenaren met rechtspraak belast, met uitzondering van de artikelen 5a, 5b, 5c, vierde tot en met zesde lid, en 5g, tweede lid, onderdeel a, en vierde lid, van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat: a.het bestuur wordt aangemerkt als hun functionele autoriteit; b.zij met betrekking tot hun benoeming en salaris worden gelijkgesteld met degenen die hetzelfde ambt vervullen bij een gerechtshof; c.het bestuur de lijst van aanbeveling opmaakt bij het openvallen van een plaats van senior raadsheer, raadsheer of raadsheer-plaatsvervanger en de Raad voor de rechtspraak deze lijst telkens, onder medezending van een advies hierover, aan Onze Minister van Veiligheid en Justitie doorzendt met het oog op een voordracht voor benoeming overeenkomstig artikel 2, eerste lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren; d.het bestuur de werkzaamheden van de leden met rechtspraak belast verdeelt; en e.het lid met rechtspraak belast, dat tevens president is van de Centrale Raad van Beroep, ten aanzien van hen bevoegd is tot het opleggen van de disciplinaire maatregel van schriftelijke berisping, het verrichten van de beoordeling, bedoeld in artikel 44, zesde lid, en het doen van een verzoek aan de procureur-generaal bij de Hoge Raad, bedoeld in artikel 46o, tweede lid.

  2. 2

    Op de senior-gerechtsauditeurs en gerechtsauditeurs is de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, voor zover betrekking hebbend op gerechtsauditeurs, met uitzondering van artikel 5b, van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat: a.het bestuur wordt aangemerkt als hun functionele autoriteit; b.het bestuur de werkzaamheden van de senior-gerechtsauditeurs en gerechtsauditeurs verdeelt; en c.door vernummering vervallen.

  3. 3

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de overeenkomstige toepassing van het krachtens de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren bepaalde ten aanzien van de in het eerste en tweede lid genoemde leden met rechtspraak belast, senior-gerechtsauditeurs en gerechtsauditeurs.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2019:465Parket bij de Hoge Raad, 14 mei 2019 (strafrecht)

    Conclusie AG in zaak van executeur testamentair die is veroordeeld wegens verduistering uit nalatenschap. De conclusie bespreekt onder meer (1) de bevoegdheid van een rechter-plaatsvervanger in de…

  • ECLI:NL:PHR:2017:875Parket bij de Hoge Raad, 7 juni 2017 (civiel recht)

    Vierde kamer zaak. Verzoekster is n-o in haar cassatieberoep tegen de beslissing van de PG om geen vordering tot ontslag van 3 raadsheren bij de CRvB bij de HR in te dienen; geen wettelijke bepaling…

  • ECLI:NL:CRVB:2014:2084Centrale Raad van Beroep, 18 juni 2014 (ambtenarenrecht)

    Een voorstel aan de Minister om een voordracht voor een ontslag-KB te doen is geen appellabel besluit.

  • ECLI:NL:CRVB:2014:2085Centrale Raad van Beroep, 18 juni 2014 (ambtenarenrecht)

    In aanmerking genomen, dat in de wetsgeschiedenis bij de totstandkoming van de Wet aanpassing bestuursprocesrecht geen aanwijzing te vinden is voor een oogmerk tot wijziging van de bevoegheid vande…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.