Internationaal Verdrag inzake de bescherming van alle personen tegen gedwongen verdwijning

Huidige tekst

Artikel 29 Internationaal Verdrag inzake de bescherming van alle personen tegen gedwongen verdwijning

Geldt sinds 20 december 2006

  1. 1

    Elke Staat die Partij is dient binnen twee jaar nadat dit Verdrag voor de desbetreffende Staat die Partij is in werking is getreden, via de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties, een rapport in bij het Comité over de maatregelen die zijn genomen om zijn verplichtingen uit hoofde van dit Verdrag na te komen.

  2. 2

    De Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties stelt dit rapport ter beschikking aan alle Staten die Partij zijn.

  3. 3

    Het Comité bestudeert elk rapport en geeft het commentaar, de opmerkingen of aanbevelingen die het passend acht. De betreffende Staat die Partij is wordt in kennis gesteld van het commentaar, de opmerkingen of aanbevelingen, en kan er eigener beweging of op verzoek van het Comité op reageren.

  4. 4

    Het Comité kan de Staten die Partij zijn tevens verzoeken aanvullende inlichtingen over de uitvoering van dit Verdrag te verschaffen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.