Internationaal Verdrag inzake de bescherming van alle personen tegen gedwongen verdwijning

Huidige tekst

Artikel 14 Internationaal Verdrag inzake de bescherming van alle personen tegen gedwongen verdwijning

Geldt sinds 20 december 2006

  1. 1

    De Staten die Partij zijn verlenen elkaar de ruimst mogelijke wederzijdse rechtshulp in verband met strafrechtelijke procedures die zijn ingesteld ter zake van het misdrijf van gedwongen verdwijning, met inbegrip van het verschaffen van alle bewijsmateriaal waarover zij beschikken en dat noodzakelijk is voor de procedures.

  2. 2

    Op deze wederzijdse rechtshulp zijn de voorwaarden van toepassing voorzien in de nationale wetgeving van de aangezochte Staat die Partij is of in de van toepassing zijnde verdragen inzake wederzijdse rechtshulp, met inbegrip van, in het bijzonder, de voorwaarden met betrekking tot de gronden waarop de aangezochte Staat die Partij is kan weigeren wederzijdse rechtshulp te verlenen of er voorwaarden aan kan verbinden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.