Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten

BUPO

Huidige tekst

Artikel 2 BUPO

Geldt sinds 11 maart 1979

Met inachtneming van de bepalingen van artikel 1 kunnen individuele personen die beweren dat enig in het Verdrag genoemd hun toekomend recht geschonden is en die alle hun ter beschikking staande nationale rechtsmiddelen hebben uitgeput, het Comité een schriftelijke kennisgeving ter behandeling doen toekomen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:753Hoge Raad, 12 mei 2026 (strafrecht)

    Vervolgingsuitlevering opgeëiste persoon (Oekraïense nationaliteit) naar Oekraïne t.z.v. verdenking van deelneming aan criminele organisatie en medeplegen diefstal met geweld en braak. OM-cassatie…

  • ECLI:NL:PHR:2026:183Parket bij de Hoge Raad, 31 maart 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. OM-cassatie. Vervolgingsuitlevering naar Oekraïne. Slagend middel over miskenning door rechtbank van bevoegdheidsverdeling tussen rechter en minister t.a.v. dreigende inbreuk op art. 2…

  • ECLI:NL:PHR:2019:1338Parket bij de Hoge Raad, 17 december 2019 (strafrecht)

    Vordering tot cassatie in het belang der wet. Euthanasietoepassing op patiënte met vergevorderde dementie op schriftelijk verzoek. Rechtbank ontsloeg de vervolgde arts van alle rechtsvervolging. De…

  • ECLI:NL:HR:2000:AA6513Hoge Raad, 14 juli 2000 (belastingrecht)

    -

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:2912Rechtbank Noord-Holland, 3 maart 2026 (strafrecht)

    De rechtbank komt tot het oordeel dat de uitlevering van de opgeëiste persoon naar Oekraïne op dit moment ontoelaatbaar moet worden verklaard, omdat er sprake is van een dreigende flagrante schending…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:11838Rechtbank Rotterdam, 13 oktober 2025 (strafrecht)

    Verzoek van de autoriteiten van Oekraïne tot uitlevering van de opgeëiste persoon. Uitlevering ontoelaatbaar verklaard vanwege dreigende flagrante schending van mensenrechten als bedoeld in het EVRM…

  • ECLI:NL:RBNHO:2025:4357Rechtbank Noord-Holland, 4 april 2025 (bestuursrecht)

    Het is niet aan de wrakingskamer maar aan de rechter in de hoofdzaak om een juridisch oordeel te vellen over (de omvang van) het geschil tussen verzoeker enerzijds en het UWV anderzijds. Voor zover…

  • ECLI:NL:GHDHA:2022:880Gerechtshof Den Haag, 17 mei 2022 (verbintenissenrecht)

    overheidsaansprakelijkheid; kort geding; vordering tot verbod tot uitlevering aan Zuid-Korea; geen dreigende flagrante schending art. 3 EVRM zonder 'effective remedy'

34 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.