Erfgoedwet

Huidige tekst

Artikel 5.7 Erfgoedwet

Geldt sinds 1 juli 2016

Eigendom van archeologische vondsten Een archeologische vondst die is aangetroffen bij een opgraving en waarop niemand zijn recht van eigendom kan bewijzen, is eigendom van: a.de provincie waar de vondst is aangetroffen; b.de gemeente waar de vondst is aangetroffen, indien die gemeente beschikt over een aangewezen depot als bedoeld in artikel 5.8, tweede lid; of c.de Staat, indien de vondst is aangetroffen buiten het grondgebied van enige gemeente.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:1862Rechtbank Gelderland, 11 maart 2026 (goederenrecht)

    Erfgoedwet. Eigendomsverkrijging archeologische vondst van 700 vuurstenen afslagen. Is sprake van een toevelsvondst door een amateurarcheoloog (eiser) of van een vondst bij opgraving (5.7…

  • ECLI:NL:RVS:2024:3950Raad van State, 2 oktober 2024 (bestuursrecht)

    Bij brief van 7 december 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn aan [appellant] meegedeeld dat de door hem aan het college overgedragen vuurstenen niet aan hem worden…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.