Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945

BBA

Huidige tekst

Artikel 8 BBA

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Het is de werkgever verboden de werktijd van de werknemer op minder dan 48 uur per week te stellen of gesteld te houden.

  2. 2

    Het bepaalde in het vorige lid geldt niet: a.ten aanzien van die werknemers, voor wier werkzaamheden de normale werktijd vóór 10 mei 1940 op een geringer aantal uren per week placht te zijn vastgesteld, zoals voor steenhouwers, kantoorbedienden, avondboekhouders, schoonmaaksters, stokers van centrale verwarmingen en dergelijke personen, mits hun loon als gevolg der werktijdverkorting niet daalt beneden het gebruikelijke bedrag; b.ten aanzien van die werknemers, wier week- of maandloon op een vast bedrag is vastgesteld en niet daaronder daalt bij de werktijdverkorting; c.voor de tijd, gedurende welke een door Onze Minister goedgekeurde wachtgeldregeling, als bedoeld in artikel 10, van kracht is, ten aanzien van de onder die wachtgeldregeling vallende werknemers.

  3. 3

    Van het bepaalde in het eerste lid kan voorts door of vanwege Onze Minister voor bepaalde werknemers of groepen van werknemers voorwaardelijk of onvoorwaardelijk ontheffing worden verleend.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2020:811Parket bij de Hoge Raad, 17 september 2020 (belastingrecht)

    Premieheffing werknemersverzekeringen; premiedifferentiatie afhankelijk van contractsduur en al dan niet vastliggen van de arbeidsomvang; contracten die pas na een flexibel eerste half jaar aan die…

  • ECLI:NL:PHR:2018:525Parket bij de Hoge Raad, 25 mei 2018 (civiel recht)

    Arbeidsrecht; Wwz. Loondoorbetaling na terecht ontslag op staande voet? Art. 7:683 lid 6 BW. Ontslag op staande voet is door kantonrechter vernietigd, maar door hof rechtsgeldig bevonden. Tijdstip…

  • ECLI:NL:PHR:2014:162Parket bij de Hoge Raad, 27 februari 2014 (belastingrecht)

    Interpretatie geschriftseis ex art. 2.3(2)(a) Besluit Wfsv: bewijslastverdeler of constitutief vereiste? Onverbindendheid geschriftseis als constitutief vereiste. Doel en strekking van…

  • ECLI:NL:PHR:2010:BO2419Parket bij de Hoge Raad, 24 december 2010 (civiel recht)

    Arbeidsrecht. Vraag of een ontslag met toestemming van de CWI, gevolgd door herindienstneming op gewijzigde arbeidsvoorwaarden, kennelijk onredelijk is; in de omstandigheden van het geval geen sprake…

  • ECLI:NL:RBNHO:2024:954Rechtbank Noord-Holland, 22 januari 2024 (socialezekerheidsrecht)

    Beoordeling recht op WW-uitkering nadat het hof heeft bepaald dat de eerder ontbonden arbeidsovereenkomst weer moet worden hersteld. Het geschil gaat over de vraag hoe de transitievergoeding na de…

  • ECLI:NL:RBNHO:2022:1750Rechtbank Noord-Holland, 24 februari 2022 (bestuursrecht)

    Na intrekking van regeling werktijdverkorting (wegens grote aantal aanvragen als gevolg Covid-19 maatregelen) ingediende aanvraag op basis van deze ingetrokken regeling terecht afgewezen.

  • ECLI:NL:RBZWB:2019:139Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 16 januari 2019 (bestuursrecht)

    Verzoek om ontheffing te verlenen van het verbod op werktijdverkorting in verband met vogelgriep. De minister heeft de motivering van zijn afwijzing in elke fase van de procedure gewijzigd. In beroep…

  • ECLI:NL:RBLIM:2015:7225Rechtbank Limburg, 24 augustus 2015 (arbeidsrecht)

    Ontbinding arbeidsovereenkomst ex art. 7:685 BW. Verzoek van werkgever wegens bedrijfseconomische redenen. Werknemer is arbeidsongeschikt wegens ziekte. Kernvraag is of er ten aanzien van werknemer…

29 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.