Besluit inbeslaggenomen voorwerpen

B.inbesl.voorw.

Huidige tekst

Artikel 10 B.inbesl.voorw.

Geldt sinds 1 januari 2013

  1. 1

    Onder de voorwerpen, bedoeld in artikel 117, tweede lid, onder a, van het Wetboek van Strafvordering, welke niet geschikt zijn voor opslag, zijn in ieder geval begrepen: 1°. middelen als bedoeld in de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet en voorwerpen of stoffen die besmet zijn met deze middelen of deze middelen bevatten; 2°. voertuigwrakken die een afvalstof zijn in de zin van artikel 1.1 van de Wet milieubeheer; 3°. gevaarlijke afvalstoffen als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer; 4°. gevaarlijke stoffen en preparaten in de zin van artikel 2 van de Richtlijn van de Raad van Europese Gemeenschappen van 18 september 1979, 79/831/EEG ( Pb EG 1979, L 259); 5°. voor bederf vatbare dode dieren, delen en producten van dode dieren; 6°. aan bederf onderhevige voedingsmiddelen en dranken; 7°. gewasbeschermingsmiddelen of biociden als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden; 8°. diervoeders met gemedicineerde werking als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet dieren; 9°. diervoeders als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet dieren; 10°. vuurwerk en andere snel ontvlambare of ontplofbare stoffen; 11°. geneesmiddelen.

  2. 2

    Ten aanzien van inbeslaggenomen levende dieren overlegt de bewaarder zo spoedig mogelijk met het openbaar ministerie over hetzij een passende wijze van bewaring hetzij een geschikte machtiging tot het prijsgeven of vervreemding om niet of om baat. In het geval dat de onttrekking aan het verkeer zal worden gevorderd, geeft het openbaar ministerie een last tot vernietiging.

  3. 3

    Onder de voorwerpen, bedoeld in artikel 117, tweede lid, onder b, van het Wetboek van Strafvordering, waarvan de kosten van de bewaring niet in een redelijke verhouding staan tot hun waarde, zijn in ieder geval begrepen: 1°. motoren en auto’s of onderdelen daarvan met een waarde van minder dan € 600; 2°. fietsen en bromfietsen of onderdelen daarvan met een waarde van minder dan € 120; 3°. hulpmiddelen bij de jacht of het stropen.

  4. 4

    Onder de voorwerpen, bedoeld in artikel 117, tweede lid, onder c, van het Wetboek van Strafvordering, die vervangbaar zijn en waarvan de tegenwaarde op eenvoudige wijze kan worden bepaald, zijn in ieder geval begrepen: 1°. dieren die met het oog op de van die dieren afkomstige produkten worden gehouden, behoudens de dieren bedoeld in de Wet bedreigde uitheemse dier- en plantesoorten; 2°. audio- en video-apparatuur; 3°. computers; 4°. motoren en auto’s met een waarde van meer dan € 600 en minder dan € 3.000.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2017:1044Parket bij de Hoge Raad, 11 juli 2017 (strafrecht)

    Beklag, beslag ex art. 94 Sv op auto onder ex-vrouw en dochter van klager. Art. 552a en 134.2 Sv. OvJ heeft medegedeeld dat auto inmiddels is vernietigd. Omdat het beslag reeds was beëindigd t.t.v.…

  • ECLI:NL:PHR:2010:BK7029Parket bij de Hoge Raad, 9 februari 2010 (strafrecht)

    Beslag. Maatstaf. Nu de Rb zich niet heeft uitgelaten over de vraag of het belang van strafvordering het voortduren van het beslag vordert kan de bestreden beschikking niet in stand blijven.

  • ECLI:NL:PHR:2009:BH0508Parket bij de Hoge Raad, 17 maart 2009 (strafrecht)

    Beschikking. N.o. in beklag op gronden als vermeld in conclusie AG.

  • ECLI:NL:PHR:2009:BG2191Parket bij de Hoge Raad, 3 februari 2009 (strafrecht)

    Beklagzaak. Omvang art. 552 Sv. Begrip “zaak” in artt. 591 en 591a Sv. Rb heeft klager deels n-o verklaard, nu a) vermeerdering met wettelijke rente b) verlenen van akte van de aansprakelijkstelling…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:19783Rechtbank Den Haag, 16 juli 2026 (civiel recht)

    Kort geding. Gelet op de bijzondere omstandigheden is de voorzieningenrechter van oordeel dat de officier van justitie, na afweging van alle betrokken belangen, in redelijkheid niet heeft kunnen…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:7546Rechtbank Den Haag, 25 maart 2026 (civiel recht)

    Verbod om een hond te vervreemden, te herplaatsen of anderszins onomkeerbaar aan het vermogen van eiseres te onttrekken voorafgaand aan de inhoudelijke behandeling van de strafzaak wordt afgewezen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:18116Rechtbank Den Haag, 24 september 2025 (civiel recht)

    Overheidsaansprakelijkheid. Begaclaim.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:8125Rechtbank Den Haag, 12 mei 2025 (civiel recht)

    Kort geding. Vordering tegen de Staat om te verbieden in beslag genomen 58 honden te vervreemden wordt afgewezen. Er zijn voldoende aanwijzingen dat eiseressen niet in staat zijn de honden goed te…

24 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.