Bemanningsbesluit Arubaanse, Curaçaose en Sint Maartense zeeschepen

Huidige tekst

Artikel 6 Bemanningsbesluit Arubaanse, Curaçaose en Sint Maartense zeeschepen

Geldt sinds 1 februari 2002

  1. 1

    Indien de feiten of omstandigheden daartoe aanleiding geven, verzoekt de kapitein de scheepsbeheerder hem vóór een bepaald tijdstip de benodigde aanvullende middelen te verschaffen. Een mondeling verzoek wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk bevestigd.

  2. 2

    Indien de scheepsbeheerder niet tijdig of geen gevolg geeft aan het verzoek stelt de kapitein het hoofd van de Scheepvaartinspectie daarvan zo spoedig mogelijk schriftelijk in kennis.

  3. 3

    De kapitein houdt aantekening in het scheepsdagboek van de feiten en omstandigheden, alsmede van het tijdstip van het mondeling verzoek.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.