Bemanningsbesluit Arubaanse, Curaçaose en Sint Maartense zeeschepen

Huidige tekst

Artikel 19 Bemanningsbesluit Arubaanse, Curaçaose en Sint Maartense zeeschepen

Geldt sinds 1 februari 2002

  1. 1

    Eenieder die aan boord van een schip een functie verricht, waarvoor krachtens dit besluit eisen zijn gesteld, is in het bezit van een geldig vaarbevoegdheidsbewijs voor die functie.

  2. 2

    De vaarbevoegdheden die op de in het eerste lid bedoelde vaarbevoegdheidsbewijzen kunnen worden aangetekend, zijn: a. kapitein eerste stuurman wachtstuurman kapitein schepen minder dan 3000 GT eerste stuurman schepen minder dan 3000 GT b. hoofdwerktuigkundige tweede werktuigkundige wachtwerktuigkundige hoofdwerktuigkundige schepen minder dan 3000 kW tweede werktuigkundige schepen minder dan 3000 kW c. eerste maritiem officier eerste maritiem officier kleine schepen maritiem officier maritiem officier kleine schepen d. radio-operator e. gezel.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.