Huidige tekst
Artikel 2.18 Beleidsregels risicoverevening 2023
AVI 1 Het Zorginstituut baseert het geraamde aantal verzekerden per zorgverzekeraar voor het criterium AVI op: a.de indeling in AVI-klassen 2023 zoals weergegeven in het referentiebestand dat is opgenomen in Bijlage 14 van deze Beleidsregels; b.de leeftijd volgens het PKB 2021; c.de zelfstandigen volgens het zelfstandigenbestand met peildatum 30 juni 2021; d.de duurzaam en volledig arbeidsongeschikten, de overige arbeidsongeschikten, de bijstandsgerechtigden, de werklozen en de loontrekkers volgens het UWV-bestand met peildatum 30 juni 2021; e.de studenten en hoogopgeleiden volgens de opgave van DUO per gepseudonimiseerd burgerservicenummer met peildatum 1 juni 2021; f.het gepseudonimiseerde adres per gepseudonimiseerd burgerservicenummer in het belastingdienstbestand over 2021; g.het gepseudonimiseerde adres in het PKB 2021 in het geval een verzekerde niet is opgenomen in het belastingdienstbestand over 2021; en h.de historische indeling van AVI uit 2016 tot en met 2020. 2 Het Zorginstituut koppelt de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b tot en met h, met het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PKB 2021 en bepaalt daarmee en met inachtneming van Bijlage 14 van deze Beleidsregels, in welke AVI-klasse een verzekerde wordt ingedeeld. 3 Vervolgens koppelt het Zorginstituut de verzekerden aan het PER 2022, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de relatieve prevalentie constant blijft. 4 Het Zorginstituut herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium AVI naar de macroverzekerdenraming, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de relatieve prevalentie per AVI-klasse constant blijft.