Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen

BJJI

Huidige tekst

Artikel 2 BJJI

Geldt sinds 1 juli 2015

  1. 1

    De tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of een vrijheidsbenemende maatregel vindt, voor zover niet bij of krachtens de wet anders is bepaald, plaats door onderbrenging van de persoon aan wie deze is opgelegd in een inrichting dan wel door diens deelname aan een scholings- en trainingsprogramma, als bedoeld in artikel 3, eerste lid.

  2. 2

    Met handhaving van het karakter van de straf of de maatregel wordt de tenuitvoerlegging hiervan aangewend voor de opvoeding van de jeugdige en zoveel mogelijk dienstbaar gemaakt aan de voorbereiding op diens terugkeer in de maatschappij. In het geval dat een vrijheidsbenemende maatregel behandeling inhoudt wordt de tenuitvoerlegging tevens hierop afgestemd. Bij het verlenen van vrijheden aan jeugdigen wordt rekening gehouden met de veiligheid van de samenleving en de belangen van slachtoffers en nabestaanden.

  3. 3

    De tenuitvoerlegging van vrijheidsstraffen of vrijheidsbenemende maatregelen vindt zo spoedig mogelijk plaats na de oplegging van de straf of de maatregel.

  4. 4

    Jeugdigen in een inrichting worden aan geen andere beperkingen onderworpen dan die welke noodzakelijk zijn voor: a.het doel van de vrijheidsbeneming, waaronder begrepen hun geestelijke en lichamelijke ontwikkeling en de uitvoering van het perspectiefplan; b.de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2007:BA3127Parket bij de Hoge Raad, 19 juni 2007 (strafrecht)

    Ontucht met een aan zijn gezag onderworpen of aan zijn waakzaamheid toevertrouwde persoon a.b.i. art. 249 Sr. CAG over “pupil” en de wetsgeschiedenis van art. 249 Sr.

  • ECLI:NL:RBDHA:2013:CA1884Rechtbank Den Haag, 15 mei 2013 (civiel recht)

    Staat aangesproken wegens onrechtmatig handelen doordat aan toen 15/16-jarige jongen die uit huis was geplaatst een aangewezen behandeling in twee jeufdinrichtingen was onthouden? Staat heeft…

  • ECLI:NL:GHSGR:2012:BY2991Gerechtshof 's-Gravenhage, 6 november 2012 (civiel recht)

    Aansprakelijkheid Staat in het kader van ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van een minderjarige. Onrechtmatige plaatsing/onrechtmatig lange duur plaatsing? Maatstaven schadevergoeding

  • ECLI:NL:RVS:2011:BR6663Raad van State, 30 augustus 2011 (vreemdelingenrecht)

    Uitgaande van hetgeen de minister ter zitting heeft betoogd, dient ervan te worden uitgegaan dat, anders dan in paragraaf A6/1.5, onder c, van de Vc 2000 is vermeld, ingevolge artikel 16a, tweede…

  • ECLI:NL:RVS:2011:BQ2721Raad van State, 19 april 2011 (vreemdelingenrecht)

    Hoewel een minderjarige alleenstaande asielzoeker per definitie kwetsbaar is, bestaat geen grond voor het oordeel dat de in AC Schiphol bestaande detentieomstandigheden van dien aard zijn dat deze…

  • ECLI:NL:RBSGR:2007:BB1385Rechtbank 's-Gravenhage, 8 augustus 2007 (vreemdelingenrecht)

    Vreemdelingenbewaring / plaats tenuitvoerlegging 17 jarige / verblijf politiecel 10 dagen / artikel 16a Bjj / schadevergoeding Eiser, 17 jaar, is in de loop van de vierde dag na inbewaringstelling…

  • ECLI:NL:RBGRO:2006:AZ5807Rechtbank Groningen, 20 december 2006 (civiel recht)

    Heeft de Staat onrechtmatig gehandeld door een minderjarige in het kader van een ots en uithuisplaatsing voor de duur van 7,5 maanden in een opvangkliniek in gesloten setting te plaatsen alvorens hem…

  • ECLI:NL:RBSGR:2003:AG0141Rechtbank 's-Gravenhage, 22 mei 2003 (vreemdelingenrecht)

    Bewaring / Bjj / IVRK. Bij de Vw 2000 is geen van het in de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen (Bjj) neergelegde stelsel afwijkende regeling getroffen. Daardoor eisen artikel 2, eerste lid en…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.