Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof Amsterdam, 19 april 2021
ECLI:NL:GHAMS:2021:3830Zaaknummer 23-002637-20
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 19 april 2021
- Publicatiedatum
- 6 december 2021
- Zaaknummer
- 23-002637-20
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
UNUS. Verdachte wordt veroordeeld voor overtreding van artikel 163, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Straf: taakstraf en voorwaardelijke OBM.
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 16 (zestien) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 8 (acht) dagen hechtenis.
Ontzegt de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 7 (zeven) maanden.
Bepaalt dat de bijkomende straf van ontzegging niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Gewezen door mr. J.J.I. de Jong, in bijzijn van mr. B.K.M. Pouw, griffier.
mr. J.J.I. de Jong
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg: 96-085695-17
parketnummer hoger beroep: 23-002637-20
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 19 april 2021 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 19 april 2018 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1996 te [geboorteplaats]
adres: [adres].
Kwalificatie van het bewezenverklaarde
Het bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 163, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Pleegdatum en -plaats
Gepleegd op 16 april 2017 te Alkmaar.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
De artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 163, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 16 (zestien) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 8 (acht) dagen hechtenis.
Ontzegt de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 7 (zeven) maanden.
Bepaalt dat de bijkomende straf van ontzegging niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Gewezen door mr. J.J.I. de Jong, in bijzijn van mr. B.K.M. Pouw, griffier.
mr. J.J.I. de Jong
Wetsartikelen in deze uitspraak
- Artikel 163 WVW meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 14a Sr meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 14b Sr meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 14c Sr meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 22c Sr meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 22d Sr meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 63 Sr meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 176 WVW meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 179 WVW meer uitspraken over dit artikel
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.