Aanhef
De burgemeester van Kerkrade,
Overwegende dat,
-artikel 2:1, tweede lid van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Kerkrade 2025 aan o.a. politieambtenaren of bijzonder opsporingsambtenaren de bevoegdheid toekent om aan eenieder een bevel geven zich onmiddellijk in een bepaalde richting te verwijderen.
-artikel 2:127, eerste lid van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Kerkrade 2025 aan o.a. de burgemeester de bevoegdheid toekent om aan eenieder een bevel geven om zich gedurende een in het bevel bepaalde periode niet in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een openbare plaats op te houden;
-de burgemeester voornoemde bevoegdheden door middel van een mandaatbesluit heeft gemandateerd aan de gemeentelijke buitengewone opsporingsambtenaren;
-het afgeven van verwijderingsbevelen en/of gebiedsontzeggingen een effectief middel is om op te treden tegen overlast, ordeverstoringen en leefbaarheidsproblematiek
-het vaststellen van voorliggende beleidsregels een proportionele, uniforme en gelijke toepassing van de genoemde bevoegdheden borgt en tevens wenselijk is gelet op het rechtzekerheidsbeginsel;
-deze beleidsregels onderdeel uitmaken van een bredere aanpak tot het voorkomen en bestrijden van overlast, ordeverstoringen en leefbaarheidsproblematiek in Kerkrade;
-deze beleidsregels binnen de doelstellingen, zoals vastgelegd in het Integraal Veiligheidsplan 2023-2026, passen;
Gelet op de artikelen 2:1, tweede lid en 2:127, eerste lid van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Kerkrade 2025 en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;
Besluit vast te stellen de volgende beleidsregels:
Inleiding
Namens de burgemeester van Kerkrade kunnen politieagenten en buitengewoon opsporingsambtenaren aan personen een gebiedsontzegging (meerdere dagen tot weken) of een verwijderingsbevel (12 of 24 uur) opleggen. Het is verboden om gedurende deze periode in het betreffende gebied aanwezig te zijn. Deze gebieden zijn hetzelfde als de buurten van de gemeente Kerkrade.
Een gebiedsontzegging wordt opgelegd aan personen die de openbare orde hebben verstoord. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen lichte en zware feiten. Hoe zwaarder de feiten, hoe langer de gebiedsontzegging geldt. Ook bij recidive (herhaalde overtreding) wordt de duur van de ontzegging langer.
De gebiedsontzeggingen zijn in de loop van de jaren een zeer effectief middel gebleken om hinderlijk en openbare orde verstorend gedrag stevig aan te pakken. De ontzegging kan direct na de verstorende gedraging op straat worden gegeven. Waarbij de overtreder meteen zijn zienswijzen kan geven. Het besluit wordt aan de hand van een voorgedrukt besluit ingevuld en meteen fysiek uitgereikt. Het effect is groot omdat de maatregel meestal direct na de gedraging volgt.
Het college van B&W wijst de gebieden aan waarvoor de burgemeester de gebiedsontzeggingen kan laten opleggen.
Afhankelijk van onder meer de gedraging en de impact daarvan op de omgeving, de locatie en het tijdstip kan er ook gekozen worden om een verwijderingsbevel te geven. Dit is de meest milde vorm van een gebiedsontzegging omdat de tijdsduur (in beginsel 12 uur) beperkt is en daarmee de bewegingsvrijheid van de overtreder minimaal beperkt wordt.
De openbare orde is de normale gang van het maatschappelijk leven op een bepaalde plaats en onder de gegeven omstandigheden. Wat in de ene buurt als redelijk normaal gezien wordt kan op een andere locatie wel als verstorend ervaren worden. Of strafbare feiten zijn gepleegd is niet bepalend voor het antwoord op de vraag of sprake is van verstoring van de openbare orde. Criminele activiteiten zoals (winkel)diefstal worden ieder geval wel als verstorend voor de openbare orde aangenomen.
Wet- en regelgeving
-artikel 2:1, tweede lid Algemene plaatselijke verordening gemeente Kerkrade;
-artikel 2:127 Algemene plaatselijke verordening gemeente Kerkrade;
-de artikelen 4:81 tot en met 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht;
-de artikelen 170 en 172 van de Gemeentewet.
Inhoudelijke beleidsregels
Artikel 1: Begripsbepalingen
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
-Gebied: een geografisch zone die afgebakend wordt door (water)wegen of groenvoorzieningen alsmede de (water)wegen en groenvoorzieningen zelf;
-gebiedsontzegging: een op schrift gesteld bevel van c.q. namens de burgemeester om zich gedurende een in het bevel bepaalde periode niet anders dan in een openbaar middel van vervoer in aangewezen gebieden aanwezig te zijn;
-verwijderingsbevel: een, bij voorkeur op schrift gesteld, bevel om zich onmiddellijk in een bepaalde richting uit een gebied te verwijderen en gedurende in het bevel geven aantal uren ook verwijderd te houden.
Artikel 2: Aangewezen gebieden
Het college van burgemeester en wethouders heeft in het “Aanwijzingsbesluit gebieden verwijderingsbevelen en gebiedsontzeggingen gemeente Kerkrade 2025” in totaal 18 gebieden aangewezen. Dit betreffen de 18 buurten in Kerkrade.
Artikel 3: Verwijderingsbevel
1Een verwijderingsbevel wordt in beginsel voor de duur van 12 uur gegeven, afhankelijk van de ernst van de gedraging en de impact daarvan op de openbare orde. Waar nodig kan er gekozen worden voor een bevel van 24 uur als hiermee het beoogde doel beter wordt behaald.
2Een verwijderingsbevel kan voor één of meer gebieden gelden.
3Een verwijderingsbevel kan afhankelijk van de individuele feiten en omstandigheden kleiner zijn dan een door het college aangewezen gebied. Een kleiner gebied wordt als dusdanig beschreven in het bevel.
Artikel 4: Uitgangspunt opleggen gebiedsontzeggingen
1Een gebiedsontzegging kan worden opgelegd aan een persoon die een of meerdere van de in artikel 5 (lichte) of 6 (zware) bedoelde feiten heeft gepleegd. De feiten dienen in de openbare ruimte te hebben plaatsgevonden of in voor publiek toegankelijke inrichtingen.
2Een gebiedsontzegging kan voor één of meer gebieden gelden.
Artikel 5: Lichte- en zware feiten
1Onder lichte feiten worden in ieder geval, doch niet uitsluitend, verstaan de feiten zoals opgesomd in Lijst A behorende bij deze beleidsregels.
2Onder zware feiten worden in ieder geval, doch niet uitsluitend, verstaan de feiten zoals opgesomd in Lijst B behorende bij deze beleidsregels.
3In geval aan een persoon een gebiedsontzegging wordt opgelegd wegens het plegen van zowel lichte- als zware feiten, geldt hetgeen in deze beleidsregels staat bepaald ten aanzien van de zware feiten.
Artikel 6: Duur van een gebiedsontzegging
1De duur van een gebiedsontzegging, indien sprake is van een licht feit, bedraagt:
a.4 x 24 uur bij een eerste constatering van plegen;
b.8 x 24 uur bij een tweede constatering van plegen binnen één jaar na de vorige constatering.
2De duur van een gebiedsontzegging, indien sprake is van een zwaar feit, bedraagt:
a.14 x 24 uur bij een eerste constatering van plegen;
b.28 x 24 uur bij een tweede constatering van plegen binnen één jaar na de vorige constatering.
3Als een gebiedsontzegging wordt opgelegd terwijl er al een gebiedsontzegging geldt, gaat de nieuwe gebiedsontzegging in na afloop van de eerder opgelegde gebiedsontzegging.
Artikel 7: Veelvoud aan overtredingen
Als er sprake is van meer dan twee gebiedsontzeggingen binnen één jaar kan bij een derde constatering door de burgemeester gekozen worden tot het opleggen van een gebiedsverbod op grond van artikel 172a Gemeentewet.
Artikel 8: Opnemen route door ontzegd gebied
1De persoon aan wie een gebiedsontzegging wordt opgelegd, wordt vooraf gehoord over diens belang om in het aan te wijzen gebied aanwezig te zijn;
2Bij een zwaarwegend belang om in het aan te wijzen gebied aanwezig te zijn kan in de ontzegging een loop- en of fietsroute worden opgenomen alsmede tijdstippen waarbinnen de persoon zich niet langer dan kortstondig in het gebied mag bevinden.
Artikel 9: Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald als “Beleidsregels verwijderingsbevelen en gebiedsontzeggingen gemeente Kerkrade 2025”.
Artikel 11: Inwerkingtreding
Deze beleidsregels treden in werking op de dag na bekendmaking.
Lijst A (lichte feiten)
Omschrijving feit
artikel
Samenscholing en ongeregeldheden
art. 2:1 APV
Liggen of slapen aan de weg
art. 2:10A APV
Ordeverstoring bij evenement
art. 2:26 APV
Ordeverstoring bij betaald voerbalwedstrijd
art. 2:29 APV
Ordeverstoring in horecabedrijf
art. 2:52 APV
Betreden gesloten woning of lokaal
artt. 2:68, 2:86 APV
Plakken of bekladden
art. 2:87 APV
Vervoer plakgereedschap
art. 2:88 APV
Betreden van plantsoenen e.d.
art. 2:91 APV
Rijden over bermen e.d.
art. 2:92 APV
Hinderlijk gedrag openbare plaatsen
art. 2:93 APV
Hinderlijk drankgebruik aangewezen openbare plaatsen
art. 2:94 APV
Hinderlijk gedrag in of bij gebouwen
art. 2:95 APV
Hinderlijk gedrag in voor publiek toegankelijke gebouwen
art. 2:96 APV
Bedelen
art. 2:113 APV
Openlijk drugsgebruik
art. 2:123 APV
Overtreding verwijderingsbevel of gebiedsontzegging
art. 2:127 APV
Verbod aanbieden prostitutie
art. 3:18 APV
Geluidhinder in de openlucht
art. 4:6a APV
Natuurlijke behoefte doen
art 4:8 APV
Recreatief nachtverblijf buiten kampeerterreinen
art. 4:15 APV
Afvalstoffen verbranden of anderszins vuur stoken
art. 5:29 APV
Achterlaten van straatafval of andere afvalstoffen
Art. 15 afvalstofver
Veroorzaken ontstaan zwerfafval
Art. 15 afvalstofver
Baldadigheid/straatschenderij
art. 424 Sr
Ordeverstoring in dronkenschap
art. 426 Sr
Zich in kennelijke staat van dronkenschap op straat bevinden
art. 430b Sr
Verboden toegang onbevoegde
art. 461 Sr
Lijst B Zware feiten
Omschrijving feit
artikel
Dragen/vervoeren inbrekerswerktuig
art. 89 APV
Dragen geprepareerde voorwerpen
art. 2:90 APV
Drugshandel op straat
art. 122 APV
Weggooien van spuiten d.d.
art. 123b APV
Negeren (licht) burgemeestersbevel
art 172, lid 2 en 3 Gemw
Overtreden ge- of verbod noodverordening
art. 176 Gemw
Handel of bezit harddrugs
art. 2 Opiumwet
Handel of bezit softdrugs
art. 3 Opiumwet
Opruiing
art. 131 Sr
Huisvredebreuk
art. 138 Sr
Lokaalvredebreuk
art. 139 Sr
Openlijke geweldpleging
art. 141 Sr
Wederspannigheid
art. 180 Sr
Wederspannigheid in vereniging
art. 182 Sr
Negeren van bevoegd gegeven ambtelijke bevel
art. 184 Sr
Belediging ambtenaar in functie
art. 266 jo. 267 Sr
Bedreiging
art. 284 Sr
Eenvoudige mishandeling
art. 300 Sr
Geweld tegen hulpverleners of andere ambt. in functie
art. 304 Sr
Deelnemen aan aanval / vechterij
art. 306 Sr
Eenvoudige diefstal
art. 310 Sr
Vernieling
art. 350 Sr
Bezit vuurwerk
art. 1.2.4 Vuurwerkbes
Afsteken vuurwerk
art. 2.3.6 Vuurwerkbes
Dragen/voorhanden hebben verboden wapens