Hoofdstuk 2 Inleiding
2.2 Taken en bevoegdheden
2.2.1 Strafbaarstelling alcoholbezit jongeren openbare ruimte: BSB
De strafbaarstelling van jongeren onder de 18 jaar voor het in bezit hebben en verstrekken van alcohol op 'voor het publiek toegankelijke plaatsen', zoals deze geregeld is in artikel 45 en 45a Alcoholwet, wordt als enige Alcoholwet-bepaling door middel van een bestuurlijke strafbeschikking (BSB) worden afgedaan en dus niet met een bestuurlijke boete. Dit is opgenomen in het betreffende artikel in de Alcoholwet.
2.2.2 Bestuursrechtelijk en/of strafrechtelijk optreden
Er wordt bestuursrechtelijk opgetreden volgens de - bij deze beleidsregels behorende - categorieën.
De nadruk van de handhaving van deze regelgeving blijft liggen op bestuursrechtelijk terrein. De samenwerking met de politie, overige handhavende instanties zoals de NVWA, KSA en het Openbaar Ministerie blijft van essentieel belang.
Het gaat echter wel om twee gescheiden trajecten. Het bestuursrechtelijk en het strafrechtelijk traject kunnen zowel los van elkaar als gelijktijdig worden toegepast.
Het strafrechtelijke traject is een aangelegenheid van het Openbaar Ministerie en niet van de gemeente. Daarom komt in dit stappenplan alleen de bestuursrechtelijke aanpak aan de orde.
Hoofdstuk 3 Handhavingscategorieën
3.1 De logica achter de handhavingscategorieën
3.1.1 Geleidelijke opbouw
De sancties kennen een opbouw: waarschuwing → last onder dwangsom (verder: LOD) inclusief invordering → last onder bestuursdwang (verder: LOB) inclusief eventueel kostenverhaal. Dit stimuleert naleving en zorgt ervoor dat de sanctie pas zwaarder wordt als de ondernemer de kansen tot herstel negeert. Dit is het principe van proportionaliteit. Maatwerk is altijd mogelijk, dit in het kader van het evenredigheidsbeginsel.
Daarnaast is het financiële voordeel dat de exploitant heeft bij voortzetting van de overtreding en hoe snel de overtreding kan worden hersteld meegewogen in de categorisering. Zo haalt bijvoorbeeld een overtreder meer omzet binnen als de inrichting langer geopend blijft dan is toegestaan of wordt er geen noodzaak gezien om te investeren in bijvoorbeeld geluidsbeperkende maatregelen met overlast tot gevolg.
Een financiële prikkel in de vorm van een LOD moet – als de waarschuwing geen herstel heeft opgeleverd – ervoor zorgen dat de exploitant zich alsnog aan de regels gaat houden. De hoogte van de LOD is dus maatwerk en afhankelijk van de overtreding en het financiële voordeel. De opbouw van sancties in deze categorie is hierop toegespitst.
Tot slot is het voor plaatsing in de categorieën relevant hoe groot het orde-verstorende effect is van de overtreding.
De onder deze beleidsregels vallende overtredingen - ingedeeld naar categorie - staan beschreven in de als bijlage I toegevoegde tabel.
3.3 Kernbeginselen in het Handhavingsbeleid
3.3.1 Bestuurlijke boete
Volgens artikel 44a, eerste lid, van de Alcoholwet kan de burgemeester een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van het bij of krachtens de Alcoholwet bepaalde.
Consultatiereactie en beleidsaanpassing
In de consultatiefase van deze beleidsregel heeft Koninklijke Horeca Nederland, afdeling Gouda (hierna: KHN), erop gewezen dat het conceptbeleid bij diverse Alcoholwetovertredingen relatief snel voorziet in zware financiële sancties, waarbij beperkt onderscheid wordt gemaakt tussen administratieve of onbedoelde overtredingen en structureel normoverschrijdend gedrag. Tevens is door KHN gewezen op de praktijk in andere gemeenten, waar bij een eerste constatering vaker wordt gewerkt met herstelmogelijkheden alvorens tot sanctionering wordt overgegaan.
Het college onderschrijft dat een dergelijk onderscheid noodzakelijk is in het licht van het evenredigheidsbeginsel (artikel 3:4 Awb) en acht een gefaseerde inzet van sancties aangewezen.
Hoofdregel: gefaseerde inzet bestuurlijke boete
1Eerste overtreding (incidenteel karakter)
Bij een eerste overtreding wordt in beginsel volstaan met een schriftelijke waarschuwing en/of een herstelsanctie (bijvoorbeeld een last onder dwangsom), tenzij sprake is van een ernstig geval.
2Tweede overtreding (recidive)
Bij een tweede overtreding van dezelfde of een vergelijkbare norm binnen een periode van twee jaar na de eerste constatering, wordt in beginsel een bestuurlijke boete opgelegd.
3Vervolg overtredingen (structureel gedrag)
Bij verdere overtredingen binnen deze termijn wordt de bestuurlijke boete opgelegd, waarbij recidiveverhogingen conform het Alcoholbesluit worden toegepast.
Afbakening incidenteel versus structureel
Incidentele overtredingen zijn overtredingen van administratieve aard of zonder opzet. Structurele overtredingen betreffen herhaalde of bewuste normschendingen.
Uitzondering: directe bestuurlijke boete
De burgemeester kan direct een bestuurlijke boete opleggen bij een eerste overtreding indien sprake is van ernstige omstandigheden, waaronder overtredingen die een direct risico vormen voor volksgezondheid, openbare orde of veiligheid.
Verhouding tot categorieënstelsel
Deze systematiek wordt toegepast in samenhang met de categorieënindeling in hoofdstuk 3.
Overige bepalingen
De bestuurlijke boetes worden opgelegd overeenkomstig het Alcoholbesluit.
3.3.2 De last onder dwangsom
De sanctie bestaat uit twee elemementen:
1De 'last': Dit is de verplichting die door een bestuursorgaan (zoals een gemeente of waterschap) aan de overtreder wordt opgelegd om een specifieke handeling te verrichten of juist na te laten (bijvoorbeeld het verwijderen van illegale bouw of het staken van een ongeoorloofde activiteit).
2De 'dwangsom': Dit is een geldbedrag dat de overtreder moet betalen aan de gemeente, tenzij binnen een gestelde begunstigingstermijn volledig aan de last wordt voldaan. De dwangsom fungeert hierdoor als een financiële prikkel, of 'stok achter de deur', om de overtreder te bewegen de regels na te leven.
Een financiële prikkel in de vorm van een LOD zorgt ervoor dat de exploitant zich alsnog aan de regels gaat houden. De hoogte van de LOD is dus maatwerk en afhankelijk van de overtreding en het financiële voordeel.
De dwangsom kan ineens, per tijdseenheid (bijvoorbeeld per dag of week) of per geconstateerde overtreding worden opgelegd. Er wordt ook altijd een maximumbedrag vastgesteld waarboven geen dwangsommen meer verbeuren.
Tegen het besluit tot oplegging van een last onder dwangsom kan de overtreder bezwaar en beroep instellen. Dit biedt de mogelijkheid om de rechtmatigheid van de last ter discussie te stellen.
Wordt de last echter niet nageleefd, dan worden de dwangsommen verbeurd en kan de gemeente overgaan tot invordering. Indien een snelle beëindiging van de overtreding essentieel is, kan de burgemeester in plaats van een dwangsom ook kiezen voor een last onder bestuursdwang.
De last onder dwangsom wordt opgelegd voor de duur van drie jaar.
3.3.3 Bestuursdwang (sluiting)
De sluiting van een horeca-inrichting is een bestuursrechtelijke herstelmaatregel die wordt ingezet wanneer de openbare orde, de veiligheid of het woon- en leefklimaat rondom de inrichting ernstig wordt verstoord.
3.3.3.1 Aanleiding en doel
De sluiting wordt meestal opgelegd na de constatering van ernstige feiten benoemd in categorieën III en IV. Dit blijft echter maatwerk.
Het doel is niet om de ondernemer te straffen, maar om de gevaarlijke situatie te beëindigen en de openbare orde duurzaam te herstellen.
Het belang van de openbare orde en het woon- en leefklimaat weegt bij een dergelijk incident in algemene zin zwaarder dan het financiële en individuele belang van de horecaondernemer. Per geval zal nog wel een belangenafweging moeten worden gemaakt.
3.3.3.2 Duur van de sluiting
De duur van de sluiting is afhankelijk van de ernst van de overtreding, waarbij een flexibele aanpak wordt gehanteerd:
•Standaardduur volgens de handhavingstabel
•Matiging: ingeval de feiten aanleiding geven tot matiging (minder ernstige omstandigheden), kan de duur worden beperkt.
•Verzwarend: Mocht de ernst en de aard van de feiten en omstandigheden uitzonderlijk zijn, dan kan de burgemeester besluiten tot een langere sluiting.
Na een bestuurlijke sluiting wordt bij de exploitant eveneens verzocht om een exploitatieplan gericht op het voorkomen van herhaling. De ondernemer mag tijdens de sluiting zijn pand ook niet betreden. Als dit om dringende redenen toch noodzakelijk is kan de ondernemer op grond van artikel 2:21 Apv een ontheffing hiervoor aanvragen.
3.3.3.3 Spoedsluiting
Bij een ernstig geweldsincident wordt een specifieke en directe maatregel toegepast: de spoedsluiting.
•Duur: Deze sluiting geldt altijd gedurende drie weken.
•Functie: De spoedsluiting dient enerzijds om de directe onrust en het gevaar te bezweren en de openbare orde in en rond de inrichting te laten herstellen. Anderzijds wordt deze periode gebruikt om onderzoek te doen naar de exacte toedracht van het incident en de noodzaak van een langere, definitieve bestuurlijke maatregel. De bevindingen uit dit onderzoek bepalen of de burgemeester na drie weken een langere sluitingsperiode oplegt.
3.3.4 Intrekking exploitatievergunning horeca
De Apv schrijft in een aantal situaties (artikel 2:9, lid 12 Apv) voor dat de exploitatievergunning moet worden ingetrokken. Denk aan intrekking van de exploitatievergunning bij intrekking van de Alcoholwetvergunning of het niet gebruiken van de vergunning gedurende een jaar. Daarnaast kan de exploitatievergunning op grond van artikel 1:5 Apv worden ingetrokken nadat er meermaals bestuursdwang is toegepast.
Bijlage I Handhavingstabel Beleidsregels bestuurlijke handhaving horeca Gouda 2026
Indeling categorieën (naast bestuurlijke boetes bij Alcoholwetovertredingen)
LOD - last onder dwangsom
LOB - last onder bestuursdwang
Categorie I - 1e keer schriftelijk waarschuwen, 2e keer LOD, 3e keer innen dwangsom, vierde keer innen dwangsom, vijfde keer LOB
Categorie II - 1e keer LOD, 2e keer innen dwangsom, 3e keer innen dwangsom, 4e keer LOB
Categorie III - 1e en volgende keren LOB (sluiting) met opbouw: 6 weken tot 3 maanden, 3 tot 6 maanden, 6 tot 12 maanden. Bij een bestuurlijke sluiting dient ook een exploitatieplan te worden opgemaakt.
Categorie IV - LOB in de vorm van een spoedsluiting van 3 weken
Categorie V - er is een wettelijk kader, geen afwijkingsmogelijkheden
Categorie Anders - zie opmerkingen in tabel
Overtredingen Apv
Soort overtreding
Categorie
Opmerkingen
Exploiteren openbare inrichting zonder vergunning
A
Artikel 2:9, lid 1 Apv
Eerste keer waarschuwing, daarna LOB omdat sluiten gewenst is.
Vergunning of aanhangsel niet aanwezig
I
Artikel 2:9, lid 13 Apv
Bandbreedte LOD: € 250 – € 500
Afwezigheid leidinggevende
I
Artikel 2:10, lid 2 Apv
Bandbreedte LOD: € 500 – € 1.500
Verstoren van de orde in een openbare inrichting
II
Artikel 2:12, onder a Apv
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Overtreden sluitingstijden
I
Artikel 2:12, onder b Apv i.c.m. Sluitingstijdenbeleid
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Op het terras spijzen of dranken verstrekken aan personen die geen gebruik maken van het terras
I
Artikel 2:12, onder c Apv
Bandbreedte LOD: € 250 – € 500
Handel binnen openbare inrichting
II
Artikel 2:13 Apv
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
De exploitant dient maatregelen te nemen dat de bezoekers van de inrichting geen drinkgerei van glas of flessen van glas buiten de inrichting brengen
I
Artikel 2:13a, lid 1 Apv
Bandbreedte LOD: € 500 – € 1.500
In een horeca inrichting drank in glas of blik verstrekken waar verbod op geldt binnen aangewezen gebied en periode.
A
Artikel 2:13a, lid 5
Waarschuwen ondernemer en herstelmogelijkheid geven. Hercontrole plannen. Als bij hercontrole de overtreding nog steeds wordt gepleegd door middel van bestuursdwang direct passende maatregelen nemen (sluiting inrichting of in beslag nemen glaswerk/ blik)
Aantreffen wapen als bedoel in artikel 2, lid 1 Wet wapens en munitie
III of IV
Artikel 2:16, lid 1 onder c Apv
Afhankelijk van de feiten en omstandigheden (bv soort wapens) afwegen of een spoedsluiting noodzakelijk is.
Verbod happy hours
I
Artikel 2:18 Apv
Bandbreedte LOD: € 500 – € 1.500
Overtreden schenktijden para-commercieel bedrijf
I
Artikel 2:19, lid 1 Apv
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Houden bijeenkomst in para-commercieel bedrijf van persoonlijke aard zonder ontheffing (buiten 12x) met alcohol en/of zonder melding en al dan niet met reclame
I
Artikel 2:20, lid 1, 2 en 3 Apv
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Overtredingen horeca overig
Kansspelen houden zonder vergunning of het niet houden aan voorschriften
II + V
Artikel 1 Wet op de Kansspelen
Naast bestuurlijk optreden, mogelijk optreden door Kansspelautoriteit
Discriminatie
I of II
Convenant, Artikel 1 Grondwet
Afhankelijk van de feiten en omstandigheden
Overtredingen Alcoholwet
NB. Bij Alcoholwetovertredingen wordt bij een tweede overtreding (herhaling) naast een bestuurlijke maatregel ook een bestuurlijke boete opgelegd, tenzij van de afwijkingsbevoegdheid gebruik gemaakt wordt.
Zonder vergunning het horecabedrijf of slijtersbedrijf uitoefenen
I
Artikel 3 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 1.000 – 2.500
Overtreding voorwaarden paracommercie Apv
I
Artikel 4 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 1.000 – 2.500
Rechtstreekse verbinding slijtlokaliteit en neringruimte (bv supermarkt)
I
Artikel 10, lid 1 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 500 – € 1.500
Verstrekken van alcohol in een niet vergunde lokaliteit of in een niet vergund slijtlokaliteit
I
Artikel 12 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 500 – € 1.500
Verstrekken van alcohol in een slijtlokaal anders dan proeven
I
Artikel 13, lid 2
Bandbreedte LOD: € 500 – € 1.500
Drank verstrekken voor gebruik elders dan ter plaatse (horecalokaliteit incl. terras)
I
Artikel 13, lid 1 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Blurring - andere dan in artikel 14 en 15 Alcoholwet genoemde activiteiten uitoefenen
I
Artikel 14 en 15 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Alcoholhoudende dranken in automaten verkopen
I
Artikel 16 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 500 – € 1.500
In de uitoefening van een ander bedrijf dan het slijtersbedrijf zwak-alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse aan particulieren verstrekken
I
Artikel 18 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 500 – € 1.500
Gelegenheid bieden tot het doen van bestellingen voor sterke of zwak-alcoholische drank en sterke drank op bestelling afleveren of te doen afleveren aan huizen van particulieren
I
Artikel 19, lid 1 en 2 Alcoholwet (vanuit een inrichting, handhaving ligt voor overige lokaliteiten bij de NVWA)
Bandbreedte LOD: € 500 – € 1.500
Verstrekken alcoholhoudende drank aan jongere onder de 18 jaar zonder daarbij de leeftijd vast te stellen (inclusief supermarkten)
II
Artikel 20, lid 1 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Bij de voor het publiek beschermde toegang niet duidelijk zichtbaar of niet goed leesbaar aangeven welke leeftijdsgrens of leeftijdsgrenzen gelden
I
Artikel 20, lid 3 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 250 – € 500
De aanwezigheid of toelaten van een persoon in kennelijke staat van dronkenschap of kennelijk onder invloed van andere psychotrope stoffen
I
Artikel 20, lid 4 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Dienstdoende leidinggevende verkeert in kennelijke staat van dronkenschap of kennelijk onder invloed van psychotrope stoffen
II
Artikel 20, lid 5 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Alcoholhoudende drank verstrekken indien dit zou kunnen leiden tot verstoring van de openbare orde
II
Artikel 21 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Verbod verkoop alcoholhoudende dranken bij o.a. tankstations en winkels langs snelwegen
I
Artikel 22 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Geen leidinggevende aanwezig in een horecalokaliteit (ook para-commercieel) of een slijtlokaliteit
I
Artikel 24, lid 1 en 2 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 500 – € 1.500
Persoon jonger dan 16 jaar dienst laten doen gedurende de tijd dat alcoholhoudende drank wordt verstrekt
I
Artikel 24, lid 3 Alcoholwet
Melding Arbeidsinspectie via https://www.nlarbeidsinspectie.nl/onderwerpen/melden/oneerlijk-onveilig-ongezond-werk-of-arbeidsuitbuiting-melden
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Voor het publiek geopend houden van een ruimte en daar alcoholhoudende drank aanwezig hebben of laten nuttigen anders dan in de rechtmatige uitoefening van het slijters- of horecabedrijf
I
Artikel 25 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 1.000 – € 2.500
Niet binnen één maand doorgeven van zodanige verandering van een inrichting dat zij niet langer in overeenstemming is met de in de vergunning gegeven omschrijving
I
Artikel 30 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 250– € 500
Overtreding aan een vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen Alcoholwet-vergunning
I
Artikel 31, lid 2 Alcoholwet (indien niet tot intrekking van de vergunning wordt overgegaan)
Bandbreedte LOD: € 250 – € 500
Verstrekken van alcohol door een meerderjarige aan een minderjarig (wederverstrekking)
A + II
Artikel 45a, lid 1 Alcoholwet
Naast de bestuurlijke strafbeschikking wordt bij wederverstrekking in een openbare inrichting ook een bestuurlijke maatregel aan de ondernemer opgelegd. Bij dit artikel wordt dus geen bestuurlijke boete opgelegd, omdat dit op grond van het WvS wordt beboet.
Evenementen
Verstrekken van alcoholhoudende drank zonder ontheffing
A
Artikel 35 Alcoholwet
1ekeer mondelinge waarschuwing + verzoek direct overtreding beëindigen. Hercontrole uitvoeren -> bij niet meewerken LOB
Verstrekken van sterke drank
A
Artikel 35 Alcoholwet
1ekeer mondelinge waarschuwing + verzoek direct overtreding beëindigen. Hercontrole uitvoeren -> bij niet meewerken LOB middels feitelijk handelen
Overtreding voorschriften ontheffing
I
Artikel 35 Alcoholwet
Bandbreedte LOD: € 250 – € 500
De exploitant dient maatregelen te nemen dat de bezoekers van de inrichting geen drinkgerei van glas of flessen van glas buiten de inrichting brengen
A
Artikel 2:13a, lid 1 Apv
1ekeer mondelinge waarschuwing + verzoek direct overtreding beëindigen. Hercontrole uitvoeren -> bij niet meewerken LOB (sluiting)
Binnen een door de burgemeester aangewezen periode en gebied in een horeca inrichting drank in glas of blik verstrekken
A
Artikel 2:13a, lid 5 Apv
1ekeer mondelinge waarschuwing + verzoek direct overtreding beëindigen. Hercontrole uitvoeren -> bij niet meewerken LOB (sluiting)