Wijzigingswet Boek 1 Burgerlijk Wetboek, enz. (herschikking bevoegdheidsverdeling tussen rechtbank en kantonrechter)

Huidige tekst

Artikel VI Wijzigingswet Boek 1 Burgerlijk Wetboek, enz. (herschikking bevoegdheidsverdeling tussen rechtbank en kantonrechter)

Geldt sinds 1 mei 2007

  1. 1

    Ten aanzien van rechtsgedingen, die bij de inwerkingtreding van deze wet reeds bij de kantonrechter aanhangig zijn en die na de inwerkingtreding van deze wet tot de kennisneming van de rechtbank komen, blijft de kantonrechter bevoegd.

  2. 2

    Ten aanzien van rechtsgedingen, die bij de inwerkingtreding van deze wet reeds bij de rechtbank aanhangig zijn en die na de inwerkingtreding van deze wet tot de kennisneming van de kantonrechter komen, blijft de rechtbank bevoegd.

  3. 3

    De eerste volzin van artikel 12, vierde lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, zoals deze volgens deze wet zal komen te luiden, geldt ten aanzien van curatelen, bewinden als bedoeld in titel 19 en mentorschappen als bedoeld in titel 20 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, die voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet in werking zijn getreden, uitsluitend indien de voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet bevoegde kantonrechter de in genoemde eerste volzin bedoelde kantonrechter als uitsluitend bevoegde heeft aangewezen. Artikel 268, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.