Wetboek van Strafrecht BES

Huidige tekst

Artikel 298b Wetboek van Strafrecht BES

Geldt sinds 1 januari 2024

  1. 1

    Degene die zich persoonsgegevens van een ander of een derde verschaft, deze gegevens verspreidt of anderszins ter beschikking stelt met het oogmerk om die ander vrees aan te jagen dan wel aan te laten jagen, ernstige overlast aan te doen dan wel aan te laten doen of hem in de uitoefening van zijn ambt of beroep ernstig te hinderen dan wel ernstig te laten hinderen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie.

  2. 2

    Indien het feit, omschreven in het eerste lid, wordt gepleegd tegen een persoon in diens hoedanigheid van Minister, Staatssecretaris, Rijksvertegenwoordiger, gezaghebber, eilandgedeputeerde, lid van een algemeen vertegenwoordigend orgaan, rechter, lid van het openbaar ministerie, advocaat, journalist of publicist in het kader van nieuwsgaring, ambtenaar van politie of buitengewoon agent van politie wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met een derde verhoogd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.