Wet voortgezet onderwijs 2020

WVO 2020

Huidige tekst

Artikel 7.8 WVO 2020

Geldt sinds 1 augustus 2022

Het beroep van leraar 1 Onder het beroep van leraar wordt verstaan het dragen van verantwoordelijkheid voor het vakinhoudelijke, vakdidactische en pedagogische proces in de school binnen de kaders van het onderwijskundig beleid van de school. 2 De leraar heeft een zelfstandige verantwoordelijkheid voor het beoordelen van de onderwijsprestaties van leerlingen. 3 De leraar beschikt over voldoende vakinhoudelijke, vakdidactische en pedagogische zeggenschap, waaronder de zeggenschap over: a.de inhoud van de lesstof; b.de wijze waarop de lesstof wordt aangeboden en de middelen die daarbij worden gebruikt; c.de te hanteren pedagogisch-didactische aanpak op de school en de wijze waarop daar uitvoering aan wordt gegeven, waaronder de begeleiding van de leerlingen en de contacten met de ouders; en d.het in samenhang met de onderdelen a, b en c, onderhouden van de bekwaamheid van de leraren als onderdeel van het team. 4 Het bevoegd gezag stelt in overleg met de leraren een professioneel statuut op met daarin de afspraken over de wijze waarop de zeggenschap van leraren als bedoeld in het derde lid wordt georganiseerd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBNHO:2023:10933Rechtbank Noord-Holland, 20 oktober 2023 (verbintenissenrecht)

    Eiseres vordert in haar hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger van de minderjarige dat de minderjarige (voorwaardelijk) wordt bevorderd naar de 4e klas van het gymnasium. De…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.