Wet verplichte beroepspensioenregeling

Huidige tekst

Artikel 19 Wet verplichte beroepspensioenregeling

Geldt sinds 1 januari 2007

Gemoedsbezwaren 1 Van de verplichtstelling, wordt op zijn aanvraag, door de pensioenuitvoerder ontheffing verleend aan de persoon die gemoedsbezwaren heeft tegen iedere vorm van verzekering. 2 Bij ministeriële regeling worden met betrekking tot het eerste lid nadere regels gesteld. Bij ministeriële regeling worden tevens regels gesteld betreffende de gevolgen van de ontheffing, alsmede betreffende de intrekking van de ontheffing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2020:948Raad van State, 1 april 2020 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 9 december 2015 heeft de toenmalige minister van Veiligheid en Justitie goedkeuring verleend aan de wijziging van de pensioenreglementen van de Stichting Notarieel Pensioenfonds.…

  • ECLI:NL:RBGEL:2019:3060Rechtbank Gelderland, 9 juli 2019 (bestuursrecht)

    Splitsing pensioenregelingen voor notarissen in een pensioenregeling voor zelfstandigen en deelnemers in loondienst door de SNPF. Splitsing is in strijd met artikel 23 van de Wet verplichte…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.