Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding

Wtlvhz

Huidige tekst

Artikel 3 Wtlvhz

Geldt sinds 1 april 2002

  1. 1

    Er zijn regionale commissies voor de toetsing van meldingen van gevallen van levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding als bedoeld in artikel 293, tweede lid, onderscheidelijk 294, tweede lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafrecht.

  2. 2

    Een commissie bestaat uit een oneven aantal leden, waaronder in elk geval één rechtsgeleerd lid, tevens voorzitter, één arts en één deskundige inzake ethische of zingevingsvraagstukken. Van een commissie maken mede deel uit plaatsvervangende leden van elk van de in de eerste volzin genoemde categorieën.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2017:418Hoge Raad, 14 maart 2017 (strafrecht)

    Hulp bij zelfdoding van zijn (stief)moeder door niet-arts, art. 294.2 Sr. 1. Overmacht in de zin van noodtoestand? 2. Verweer dat art. 294.2 Sr buiten toepassing moet blijven omdat toepassing daarvan…

  • ECLI:NL:RBZWB:2014:5647Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 6 augustus 2014 (bestuursrecht)

    Verleend verlof o.g.v. art. 11 van de Wet op de lijkbezorging. Verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. De ambtenaar van de burgerlijke stand was gehouden het verlof te verlenen. De enige…

  • ECLI:NL:GHARN:2006:AV2207Gerechtshof Arnhem, 24 januari 2006 (belastingrecht)

    Leges Terzake van door een gemeentelijke lijkschouwer gehouden schouwing in verband met overlijden door euthanasie is geen leges verschuldigd.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.